Column Maarten Biermans (Rabobank): ‘Kinderarbeid uitbannen kan niet zonder wet’

Kinderarbeid help je de wereld niet uit met alleen convenanten en eigen initiatieven, vinden onder meer Rabobank en Tony Chocolonely. Om de duurzame VN-doelstelling voor 2025 te halen, is een wettelijk kader nodig.

Wereldwijd zijn er zo’n 218 miljoen kinderen van 5 tot 17 jaar die werken, vermeldt ILO, de VN-organisatie voor arbeid, in haar meest recente rapport. Meer dan 150 miljoen daarvan zijn slachtoffer van (gedwongen) kinderarbeid en ruim 70 miljoen kinderen moeten hun werk doen onder ongezonde en gevaarlijke omstandigheden, bijvoorbeeld in mijnen en tapijtweverijen.
Het gros van de kinderarbeid vindt echter plaats in de landbouw: ruim 70%. De strijd tegen kinderarbeid is voor ons een belangrijk onderdeel van de sociale verduurzaming in de Food & Agri-sector. Er is dus een directe link met ons programma Growing a better world together.

IMVO-convenanten

Kinderarbeid is als no go opgenomen in ons duurzaamheidsbeleid. Daar houden we onze klanten aan, ook internationaal: de universele rechten van de mens gelden niet alleen in Nederland. We hebben ons daarom ook verbonden aan het IMVO-convenant Bancaire Sector.” Dit IMVO-convenant (Internationaal Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen) bevat afspraken over het tegengaan van mensenrechtenschendingen bij investeringen van banken en hun zakelijke partners. Het is een van de drie sectorale intentieverklaringen die onder leiding van de SER (Sociaal Economische Raad) de afgelopen jaren tot stand zijn gekomen. De andere twee zijn de convenanten Duurzame Kleding & Textiel en Goudsector.

“Hoe lovenswaardig ook, convenanten en eigen initiatieven zijn niet genoeg”, zegt Pascal Van Ham, Head of Marketing bij Tony Chocolonely. Het uitbannen van kinderarbeid en moderne slavernij in de cacao-industrie is de reden waarom het bedrijf is opgericht: Tony Chocolonely streeft naar een wereld waarin alle chocolade voor 100% slaafvrij geproduceerd wordt. Van Ham: “Met zelfregulering alléén los je kinderarbeid niet op”. Aan het convenant Kleding & Textiel doen bijvoorbeeld 72 bedrijven mee, dat is zo’n dertig procent van de Nederlandse markt. Voor een serieuze en systematische aanpak van kinderarbeid heb je alle bedrijven nodig, ook de passieve volgers die niet meedoen aan convenanten. En die komen pas in beweging als wet- en regelgeving hen daartoe aanzet.”

Wetsvoorstel Zorgplicht Kinderarbeid

Tony Chocolonely zet zich daarom actief in vóór het Wetsvoorstel zorgplicht kinderarbeid, dat begin 2017 werd aangenomen door de Tweede Kamer. Dit wetsvoorstel verplicht bedrijven om kinderarbeid in hun productieketen te voorkomen. Van Ham: Nederland heeft in de Sustainable Development Goals van de VN afgesproken om voor 2025 een einde te maken aan alle kinderarbeid. Wij denken dat dit niet gaat lukken met zélfregulering alleen. Er is een wettelijk kader nodig. Met een wet mobiliseer je de positieve krachten in de hele markt. Voorafgaand aan het debat in de Eerste Kamer, eind 2017, schreef Tony’s een open brief om de leden van de Eerste Kamer te overtuigen vóór te stemmen. Rabobank was een van de ruim 40 ondertekenaars van de brief.

Kritiek

Het Nederlandse Wetsvoorstel zorgplicht kinderarbeid gaat een stap verder dan zijn Britse ‘tegenhanger’, de Modern Slavery Act 2015: bedrijven moeten niet alleen verklaren dat er geen kinderarbeid in hun keten zit, maar dit ook kunnen aantonen. Bovendien bevat het Nederlandse wetsvoorstel een boeteclausule: bedrijven die aantoonbaar verzaken het nodige te doen om kinderarbeid te voorkomen, kunnen beboet worden.

In het Eerste Kamer-debat eind 2017 kreeg het Wetsvoorstel veel kritiek, met name op de handhaafbaarheid en uitvoerbaarheid van de wet. Initiatiefnemer Attje Kuiken vroeg meer tijd om haar reactie daarop voor te bereiden. De verdere behandeling van het Wetsvoorstel is voorlopig uitgesteld.

Geen magic bullet

Het wetvoorstel is juridisch wel complex en ik ben benieuwd of het het gaat halen. In ieder geval kan één wet echt niet alle kinderarbeid uitbannen. Er is geen simpele oplossing, geen magic bullet, maar het is wel een stap in de goede richting. Flankerend beleid is nodig om het welzijn van kinderen in deze situatie ook daadwerkelijk te verbeteren. Maatschappelijk middenveld, bedrijfsleven én overheid zullen dit samen moeten doen.

Maarten Biermans, Head Sustainability & Dialogue bij Rabobank

Deze column is eerder hier gepubliceerd.

Share Button
FavoriteLoadingBewaar als favoriet