Nadat supermarkten enkele jaren steeds meer plantaardige eiwitten hebben verkocht, is dat aandeel in 2025 licht gedaald ten opzichte van 2024. Dit blijkt uit de jaarlijkse Eiweet-meting van de Nederlandse supermarkten in samenwerking met de Green Protein Alliance en ProVeg Nederland. De supermarkten willen dat in 2030 60% van hun verkochte eiwitten plantaardig is. Zij hebben de afgelopen jaren maatregelen genomen om dat doel te halen, maar dat heeft vooralsnog niet geleid tot het gewenste effect.

Sectorbrede meting

Uit de eiwitverkoopcijfers 2025 blijkt dat het aandeel plantaardige eiwitten met 42,6% licht gedaald is in vergelijking met 2024. Het aandeel verkochte dierlijke eiwitten is 57,4%. Met dertien deelnemende ketens, variërend van marktleiders als Albert Heijn en Jumbo tot digitale spelers als Picnic en Crisp, en biologische formules als Ekoplaza en Odin, is meer dan 95% van de Nederlandse markt vertegenwoordigd in de meting. Hoewel deze rapportage de internationale koplopersrol van Nederland op het gebied van doelstellingen en transparantie bevestigt, laten de cijfers zien dat het huidige tempo onvoldoende is om het doel van 60% plantaardig eiwit voor 2030 te halen. Uitzonderingen zijn Ekoplaza en Odin, zij verkochten in 2024 al meer dan 60% plantaardige eiwitten.

Doorbraak verrijkte producten

De resultaten bevestigen dat het door supermarkten gestelde tussendoel van 50% plantaardige eiwitverkoop voor 2025 niet is gehaald. Dierlijke producten voeren nog altijd de boventoon in het aanbod, marketingcampagnes en de winkelmandjes. In vergelijking met eerdere jaren zijn er in 2025 relatief weinig grootschalige maatregelen genomen om consumenten te helpen meer plantaardig en minder dierlijk te eten. Zo hebben supermarkten in 2024 nog onder andere de prijzen van plantaardige vervangers en dierlijke producten gelijkgetrokken en het aantal vleesaanbiedingen enigszins verminderd.

Afgelopen jaar kenmerkte zich door de doorbraak van dierlijke producten die verrijkt zijn met plantaardige ingrediënten. Hoewel de omvang van de verkoop van deze producten op dit moment nog niet groot genoeg is om een significante verschuiving te bewerkstelligen naar plantaardige verkoop, juichen ProVeg Nederland en de GPA deze stappen toe. Freya Hiemstra, ProVeg Nederland: “Verrijkte producten passen in een lange traditie. Vroeger mengden we al paneermeel en gesnipperde ui door de gehaktballen om ze smeuïg en smaakvol te maken. Deze producten dragen bij aan CO2-reductie en de verschuiving naar meer plantaardig. Parallel hieraan is het nodig dat supermarkten dit jaar een concreet plan presenteren hoe de 2030-doelen behaald gaan worden. Supermarkten hebben de sleutel in handen om de winkelomgeving te veranderen en de plantaardige keuze de vanzelfsprekende te maken.”

Tijd voor branchebrede samenwerking

Afgelopen jaren hebben supermarkten individuele stappen gezet. De mate waarin supermarkten een koploperspositie kunnen innemen zonder marktaandeel in te leveren is echter beperkt. Jessie van Hattum, Green Protein Alliance: “Maatregelen van supermarkten hebben ervoor gezorgd dat plantaardig boodschappen doen steeds makkelijker, lekkerder en betaalbaarder is geworden. Voor de volgende fase is collectieve slagkracht nodig. We verwachten dat de branche dit moment aangrijpt om het voortouw te nemen en gezamenlijk stappen zet die individueel moeilijk zijn. Door een gelijk speelveld te creëren en afspraken te maken bereiken we de volgende fase in de transitie.” Om de doelstellingen te halen is het ook belangrijk dat de overheid naar voren treedt en stappen zet om haar eigen nationale doelstelling van 50% plantaardig in 2030 te halen. Supermarkten hebben de overheid, producenten en meebewegende consumenten nodig om voldoende grote stappen te zetten om een plantaardige voedselomgeving te realiseren.

Bron: Green Protein Alliance