Duurzaamheidsverbintenissen: Overeenkomsten en verschillen tussen retailbedrijven en merkfabrikanten

Klimaatverandering, uitputting van grondstoffen, ongelijkheid. De levensmiddelen- en drankensector en de detailhandel staan voor een ongekend aantal duurzaamheidsuitdagingen – en spelen zelf vaak een grote rol in de problemen die moeten worden opgelost. Liever dan deze uitdagingen te negeren of te ontkennen, nemen steeds meer bedrijven hun verantwoordelijkheid door zich in te zetten voor positieve verandering. Wageningen University & Research (WUR) analyseerde meer dan 650 publiekelijk aangegane verbintenissen in duurzaamheidsverslagen (2020) en concludeert dat bijna alle grote retailers en voedselverwerkende bedrijven (EU/VS) tijdsgebonden duurzaamheidsverbintenissen aangaan. Welke conclusies kunnen we trekken uit de duurzaamheidsbeloftes van deze bedrijven? Nou, meer dan je op het eerste gezicht zou verwachten. WUR concludeert dat er grote verschillen bestaan in de aantallen verbintenissen en de ambitieniveaus daarvan. De onderwerpen klimaat en energie komen het meest aan bod bij de retailbedrijven en merkfabrikanten, en deze worden meestal benaderd vanuit een langetermijnperspectief. Hoewel er veel thematische overeenkomsten bestaan, blijft het moeilijk om de inzet van de verschillende bedrijven te vergelijken, vanwege de verschillende reikwijdtes en de verschillende definities van sleutelbegrippen die worden gehanteerd.

Aantal duurzaamheidsbeloften verschilt sterk tussen bedrijven

In de levensmiddelensector vonden we in totaal 651 verbintenissen van 27 retailbedrijven en 11 merkfabrikanten die voldoen aan de methodologische SMART-criteria (Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch, en Tijdsgebonden) en waarbij de beoogde termijn in 2020 ligt of daarna, en die zich niet richten op een bepaalde regio of een bepaald merk. Van deze verbintenissen zijn er 386 aangegaan door retailbedrijven en 265 door merkfabrikanten. Dit betekent dat een retailbedrijf gemiddeld ongeveer 14 duurzaamheidsbeloftes formuleert, en een merkfabrikant 24. Een vergelijking van diverse bedrijven levert aanzienlijke verschillen op, waarbij het aantal verbintenissen kan variëren van 1 tot 54.

Figure 1: Number of sustainability commitments per company

Figuur 1: Aantallen duurzaamheidsverbintenissen per bedrijf.

Het is belangrijk om te benadrukken dat het aantal duurzaamheidsbeloftes niet altijd iets zegt over de ambitieniveaus en de reikwijdte van de individuele beloften, omdat aan het effect van een belofte geen waardeoordeel is gegeven. Zo wordt het overschakelen op ledlampen in een aantal winkels geteld als één belofte, terwijl het duidelijk ambitieuzere doel van het koolstofvriendelijk maken van een hele toeleveringsketen als even zwaar wordt meegeteld. Maar dit getal geeft wel aan dat retailbedrijven en merkfabrikanten actief bezig zijn met het formuleren van duurzaamheidsbeloftes. Dit is niet alleen de trend bij retailbedrijven en merkfabrikanten: 90% van de 500 grootste beursgenoteerde bedrijven in de VS heeft in 2019 een duurzaamheidsverslag gepubliceerd (G&A Institute, 2020). Hoewel deze verslagen niet altijd een totaaloverzicht geven van alle inspanningen van een bedrijf op het gebied van duurzaamheid, kunnen ze toch worden gezien als een van de belangrijkste instrumenten voor het communiceren van duurzaamheidsprestaties en de effecten daarvan.

Problemen met de inzet: levensmiddelenbedrijven geven de voorkeur aan kortetermijnbeloften

De meeste duurzaamheidsverbintenissen van levensmiddelenbedrijven hebben een nogal korte termijn, want het merendeel van de gestelde einddoelen in deze sector ligt tussen de jaren 2020 en 2025 (87%: figuur 2). De eerste prioriteit van de doelen die verder weg liggen (≥ 2030) betreft het klimaat, met een sterke focus op het verminderen van de broeikasgasemissies. De doelen met de langste termijnen, met einddata tussen 2035 en 2050, vallen allemaal in de categorie klimaat. Iets anders dat interessant is om op te merken is dat 85% van de beloften een beoogde einddatum heeft in een jaar dat eindigt op een nul of een vijf (bijv. 2020, 2025, 2030).

Figure 2: Intended goal deadline of sustainability commitments, excluding year-to-year goals

Figuur 2: Beoogde einddata van duurzaamheidsbeloften, exclusief jaardoelstellingen.

Retailbedrijven concentreren zich duidelijk meer op ecologische duurzaamheid dan op sociale duurzaamheid

We hebben de meest voorkomende duurzaamheidsonderwerpen bij voedingsbedrijven in kaart gebracht door alle verbintenissen van retailbedrijven en merkfabrikanten die aan de methodologische criteria voldeden te verdelen over vijf effectcategorieën: klimaat, ecosystemen en biodiversiteit, gezondheid en veiligheid, grondstoffen, en sociaal welzijn. Deze effectcategorieën zijn gebaseerd op de classificatie van The Sustainability Consortium (TSC), een wereldwijd non-profit-samenwerkingsverband van meer dan 100 bedrijven, ngo’s, overheidsorganisaties en universiteiten, om de duurzaamheid van de toeleveringsketens van meer 100 productcategorieën op uniforme wijze te kunnen beoordelen en te bevorderen.

Retailbedrijven richten zich beduidend meer op ecologische duurzaamheid dan op sociale duurzaamheid, en de minste aandacht gaat uit naar de categorieën ‘sociaal welzijn’ en ‘gezondheid en veiligheid’. Merkfabrikanten richten zich meer dan de retailbedrijven op sociale duurzaamheid, met sociaal welzijn boven aan de lijst, aangezien dit voorkomt in ongeveer een derde van alle verbintenissen.

Table 1: Top 5 impact categories in the sustainability reports of retailers and brand manufacturers

Tabel 1: Top 5 van effectcategorieën in duurzaamheidsverslagen van retailbedrijven en merkfabrikanten.

Klimaat en energie is een ‘hot topic’ voor retailbedrijven en merkfabrikanten

We hebben de verbintenissen gekoppeld aan een specifiekere duurzaamheidskwestie binnen de effectcategorie. De beloften van zowel voedingsproducenten als retailbedrijven waren meestal gericht op de duurzaamheidskwestie ‘klimaat en energie’, waarbij het doel meestal lag in de beperking van de uitstoot van broeikasgassen. Twee andere duurzaamheidskwesties die prioriteit kregen bij merkfabrikanten en retailbedrijven waren ‘verpakking (bijv. om die recyclebaar te maken) en duurzame grondstoffen (bijv. de certificering van (ruwe) grondstoffen en ingrediënten). Er worden ook verschillen aangetroffen: de retailers waren meer bezig met de problemen ‘afval en circulariteit’ en ‘voedselverspilling’ terwijl merkfabrikanten zich meer bezighielden met ‘voeding’ en ‘water’. Als we alleen naar de ketengerelateerde verbintenissen van de retailbedrijven kijken, die 55% van het totale aantal vormen, dan worden de kwesties ontbossing en dierenwelzijn ook als prioriteiten beschouwd.

Table 2: Top 5 sustainability issues in the sustainability reports of retailers and brand manufacturers

Tabel 2: Top 5 van duurzaamheidsonderwerpen in de duurzaamheidsverslagen van retailbedrijven en merkfabrikanten.

In totaal was meer dan de helft van de verbintenissen van retailbedrijven (66%) en merkfabrikanten (62%) gericht op vijf duurzaamheidskwesties. Dit laat zien dat voedingsbedrijven gemeenschappelijke prioriteiten lijken te hebben – waarbij ‘klimaat en energie’ bovenaan de lijst staan.

Verder kijken dan de verbintenis

Om de ambities van een bedrijf echt goed te begrijpen, moeten we voorbij de verbintenis kijken. Een populaire aanduiding in de geanalyseerde duurzaamheidsverslagen is bijvoorbeeld ‘100% duurzame inkoop’. Maar wat als ‘duurzaam’ geldt kan afhangen van hoe dit begrip wordt geïnterpreteerd. Sommige bedrijven verwijzen naar hun eigen duurzaamheidsprogramma’s, zoals Coca-Cola naar hun ‘Richtlijnen voor duurzame landbouw’ en PepsiCo naar hun ‘Duurzame landbouwprogramma’, maar ook naar de duurzaamheidsnormen van derden, zoals de Rainforest Alliance en Fairtrade International. Daardoor leunt dezelfde terminologie op verschillende duurzaamheidsnormen. Of met deze programma’s ook echt ‘duurzame’ inkoop wordt bereikt kan ter discussie worden gesteld, afhankelijk van hoe we duurzaamheid definiëren.

De reikwijdte van een verbintenis kan ook grote invloed hebben op het effect ervan. Ter illustratie: verschillende merkfabrikanten hebben zichzelf ertoe verbonden om 100% hernieuwbare elektriciteit te gaan gebruiken. Maar de reikwijdtes van deze beloften verschillen, omdat er andere zaken onder kunnen vallen, bijvoorbeeld het al dan niet erbij rekenen van productiehandelingen of kantoren (tabel 3).

Table 3: Renewable energy commitments that seem similar, but differ significantly in scope

Tabel 3: Hernieuwbare energieverbintenissen die hetzelfde lijken maar substantieel verschillen in reikwijdte.

Over het algemeen zijn duurzaamheidsverbintenissen een prima instrument om duurzaamheidsstrategieën te ontwerpen en te communiceren met de consumenten. Maar om de effecten ervan echt te begrijpen, is vaak gedetailleerder onderzoek nodig.

Blijf op de hoogte van de duurzaamheidsstrategieën in de voedingssector

Door de duurzaamheidsverbintenissen van grote bedrijven te bestuderen kunnen we een breed en gevarieerd inzicht verkrijgen in de duurzaamheidsstrategie van een bedrijf, de duurzaamheidstrends die we kunnen verwachten voor de toekomst, en de harmonisatie tussen verschillende bedrijven. Hiermee krijgen bedrijven een instrument om met andere bedrijven te communiceren en samen te werken, en krijgen investeerders en consumenten de mogelijkheid om bedrijven met elkaar te vergelijken. En tot slot kan de informatie door overheidsinstanties worden gebruikt als input voor hun beleid.

Wilt u op de hoogte worden gehouden van de duurzaamheidsbeloften in de voedingssector? Alle duurzaamheidsverbintenissen van retailbedrijven zijn opgeslagen in de database van TSC, die alleen voor leden toegankelijk is. TSC heeft de ambitie om deze verbintenissen bij te houden en haar leden en niet-leden via regelmatige publicaties zoals deze te informeren over de ontwikkelingen. Ontdek meer op www.wur.eu/tsc.

Share Button