Duurzaam narcisme

"Duurzaam is weer hip", het artikel van Machteld Veen van afgelopen maand (14 juli) in Metro, hinkt op meer dan één gedachte. Allereerst de titel: ik ben benieuwd naar welk tijdperk zij daarin verwijst, want hoezo is duurzaam ooit al eerder hip geweest? Vóór die verfoeide geitenwollen sokken soms? Natuurlijk niet, want toen moest "duurzaam" nog uitgevonden worden. Ja, wel door diezelfde geitenwollen sokken helaas, dat is er een beetje lastig aan.

Dat Veen direct daarna samen met die verfoeide sokken ook de biologische rooibosthee in de ban doet, terwijl dat nu juist zo’n hip geworden soort product is, tekent de verwarring. En is die bijenhoning nou ook al uit? Is er soms al iets hippers? Hij doet het toch uitstekend in dat Provençaalse boerengeitenkaasje of over die wilde tijm op dat ambachtelijk uitgegraasde lamskoteletje? Of zijn de bijen soms niet hip meer, en doen we het daarom maar honing zonder bijen?

Ja, geef die sokken maar weer de schuld. Dat hele beeld is toch vooral een speeltje waar journalisten maar geen genoeg van lijken te krijgen. Je kunt het zo lekker mystificeren, en het is echt geknipt voor een hip wij-zij-dansje. Want hoe durfde je een generatie geleden om zoiets vies als kringlooppapier te vragen? Wie had er nou zoiets belachelijks als een waterbesparende douchekop?

Welke mallotige tuinkabouter bestond het toch om zaden van zoiets onhips en ouderwets als pompoen of snijbiet te verzamelen en in potjes te bewaren? En wie ging er nou mekkeren als een product uit een fout regime kwam, door kinderhandjes gemaakt was, een kapvlakte of een gifspoor achterliet, dierenleed uitstraalde, arbeiders ziek maakte of boeren aan de bedelstaf bracht? Kom op, wees ook eens echt hip en hedendaags ruimhartig en zeg: Ja, wij zijn met ons allen gewoon hartstikke schatplichtig aan die halve zolen in hun volkoren truien met hun sojabrokken, die hun nek uitstaken en hun handen uit hun mouwen, en zich lieten verketteren terwijl ze het fundament legden voor de ontwikkeling van hernieuwbare energiebronnen, het duurzaam beheer van stadsgroen en natuurterreinen, de biologische land- en tuinbouw, de opmars van vleesvervangende producten en de diervriendelijke veehouderij, het kleinschalige agrotoerisme, de eerlijke handel, integraal ketenbeheer, duurzaam bouwen en hergebruik in de bouwsector, groen sparen en beleggen, vernieuwende woon- en werkvormen, en zoiets als de – helaas nog allerminst hippe – technologie voor biologische waterzuivering.

Sokkendragers: bedankt allemaal, jullie zagen het toen goed, jullie lieten je raken door het leven in al zijn aardse vormen, en jullie wisten dat dat belangrijker was dan de cynische onverschilligheid die zo lang de norm was. Net zoals het nu belangrijker is dan het narcisme dat bepaalt aan welke trend we vandaag weer mee doen. Want dat de dingen zo gaan – dat iets nieuws marginaal begint en pas jaren later populair wordt en leidt tot een initiatief als Gubba.nl – dat is ergens een gegeven.

Maar wat win je ermee als je weer een nieuwe scheidslijn trekt tussen jezelf en dat wat jou nu blij maakt? Is dat niet verbondenheid, en authenticiteit? Daar sta je dan met je kunstmatige scheiding. En hoe gaan we dan met die sokken om? Ik zou zeggen, begin eens met een diepe buiging. En dan langzaam weer omhoog komen. Hoe je je dan voelt, dat is pas hip.

Fransje de Waard
(auteur Tuinen van Overvloed)

Share Button