Duurzaam melkpak begint met bomen

'Tetra Pak beschermt wat goed is'. Met deze tekst, verwerkt in een klein rond stempeltje, gaan jaarlijks circa 140 miljard sap - en melkverpakkingen over de toonbank. De oprichter van de Zweedse verpakkingengigant Tetra Pak, Ruben Rausing, had het in 1952 al op zijn netvlies. 'A package should save more than it costs', was zijn motto. Waarmee hij bedoelde dat zijn product het milieu moest sparen, in plaats van belasten, zoals concurrenten naar zijn idee deden met het aanbieden van plastic en glazen verpakkingen.

Nu, 55 jaar later, is het aloude motto populairder dan ooit. Door de alarmerende berichten over de opwarming van de aarde zijn bedrijven gespitst op het verkrijgen van een ‘duurzaam’ imago. Ook het familiebedrijf Tetra Pak, dat met een marktaandeel van 70% wereldleider is in kartonnen drankverpakkingen, vestigt de aandacht wederom op zijn duurzaamheidsstreven. De Zweedse verpakkingengigant heeft zich bijvoorbeeld geschaard in het rijtje klimaatredders van het Wereld Natuur Fonds, samen met onder andere Nike, IBM , Sony en Johnson en Johnson.

Dat er achter de duurzaamheidsleus van Tetra Pak een serieuze en ingewikkelde opdracht schuilgaat blijkt uit een bezoek aan de Zweedse bossen, waar een deel van de Tetra Pak-kartonnetjes zijn oorsprong vindt.

Bosbouwer Bengt Brunberg, van papierfabrikant Korsnäs, vertelt dat in de driehonderd jaar dat de Zweedse bossen door bosbouwers worden beheerd, er pas twintig jaar aandacht is voor zogenaamde duurzame bosbouw.

‘Vooral in de jaren zeventig is er ongebreideld gekapt en werd er nauwelijks nagedacht over nieuwe aanplant.’ Tegenwoordig worden er vier nieuwe stekjes voor elke gekapte boom aangeplant. Brunberg: ‘Twintig jaar lijkt misschien een eeuwigheid, maar wie bedenkt dat bomen gemiddeld pas na dertig tot negentig jaar worden gekapt, weet dat de vruchten van onze duurzaamheidsinspanningen pas over een paar jaar geplukt kunnen worden.’

Vooralsnog zijn certificaten de meest gehanteerde instrumenten om duurzaamheid te claimen.

‘Tetra Pak staat garant voor 100% FSC-gecertificeerd Europees karton en 76% FSC-gekeurd karton wereldwijd’, vertelt Magda Buelens. Zij is werkzaam als milieuspecialist van Tetra Pak in Brussel. Desalniettemin is de bosbouw in strikte zin nog maar gedeeltelijk duurzaam te noemen. Buelens: ‘Ongeveer 28% van de wereldwijde bosbouwers mogen zich FSC-gecertificeerd noemen, en 18% PEFC-gecertificeerd, dat is een ander certificeringssysteem.’

Beide keurmerken hebben betrekking op het duurzaam beheren van bossen.

Buelens merkt dat vooral bedrijven, maar ook de politiek, langzaam anders met milieuvraagstukken omgaan. ‘Vroeger werd er vooral gekeken naar afval, en de milieubelasting daarvan. Tegenwoordig wordt er steeds meer gekeken naar de gehele keten, en worden er zogenaamde ”life cycle”- analyses gemaakt.’ Hoewel deze methode een veel bredere blik werpt op de werkelijke belasting van het milieu door bedrijven, zal er nooit een sluitende analyse uit rollen, denkt Buelens. ‘Maar het maakt de ambities van het bedrijfsleven wel meetbaar.’

‘Veel van de huidige besluitvorming sluit echter nog aan bij het oude gedachtegoed, dat alleen kijkt naar afvalstromen’, zegt Buelens. Ze schaart hieronder ook het Nederlandse verpakkingsbesluit, waarover onlangs een akkoord bereikt is tussen minister Jacqueline Cramer van Vrom, het bedrijfsleven en de gemeenten. ‘Het is een politiek compromis, een resultaat van jaren lang sleutelen aan oude afspraken’, zegt Buelens.

Dat de sappakken van Tetra Pak in Nederland nog gewoon in de grijze bak kunnen en niet zorgvuldig ingezameld worden, staat de ‘Tetra Pak beschermt wat goed is’-leus niet in de weg. Buelens: ‘In landen als België en Groot Brittannië, waar veel afval nog wordt gestort, is recyclen een betere optie.’ Nederland beschikt over zeer moderne afvalcentrales, waardoor de slotsom weer anders uitvalt. ‘Waarschijnlijk kost het meer energie om een recyclesysteem draaiende te houden, dan wanneer de pakken, die bestaan uit karton met een klein laagje polyethyleen en aluminium, verbrand worden.’

Rusland beschermt eigen hout

Sinds twee maanden heeft Rusland maatregelen genomen om de binnenlandse houthandel te beschermen. Het ministerie van economische ontwikkeling en handel heeft een stapsgewijze verhoging van exporttarieven aangekondigd. In juli is het tarief gestegen met 6,5% naar 10% van de verkoopprijs. Vervolgens wordt het tarief jaarlijks met een derde verhoogd. In 2010 zal de exportheffing al opgelopen zijn tot 20%. ‘Met name de Zweedse en Finse houtimporteurs wijken nu uit naar de Baltische staten of Zuid-Amerika’, zegt Bengt Brunberg van papierfabrikant Korsnäs. ‘Er zit nu een medewerker van ons in Chili.’ Korsnäs haalt gemiddeld 25% van het hout uit het buitenland. Zweden heeft namelijk te weinig berkenhout dat nodig is voor kwalitatief goed papier. Omdat het Chileense hout goedkoper is dan het Russische, zal de papierprijs niet stijgen. Brunberg: ‘Ik ben vooral bang voor mijn energiebalans. Het verschepen van al dat hout, veroorzaakt een enorme toename in CO2 uitstoot.’

Share Button