Column Johan Graafland: ‘Duurzaamheid vereist oriëntatie op lange termijn’

Nederlanders hebben deze zomer kunnen genieten van een ongekend lange periode met zonnig weer. Het genot was evenwel niet onverdeeld. De droogte bracht ook allerlei problemen met zich mee, met name voor de landbouw en de binnenvaart. De natuur drukt ons zo met de neus op het feit dat wij niet meer om klimaatverandering en opwarming heen kunnen.

Wat brengt bedrijven ertoe om meer duurzame keuzes te maken in hun bedrijfsvoering? In het kader van een groot onderzoeksproject met betrekking tot de invloed van de vrijemarkteconomie op het menselijk floreren en de rol van deugden daarin (zie moralmarkets.org) heb ik samen met mijn collega Niels Noorderhaven recent onderzocht hoe de vrijemarkteconomie duurzaam handelen beïnvloedt.

Een vrijemarkteconomie laat bedrijven veel vrijheid in hun keuzes om al of niet bij te dragen aan een duurzamere economie. Dat wil zeggen dat de overheid bedrijven niet dwingt om daartoe over te gaan.

Een voorbeeld is VodafoneZiggo, dat recent op eigen initiatief besloot om het personeel een ov-jaarkaart in plaats van een leaseauto te geven. VodafoneZiggo denkt dat de medewerkers hierdoor per jaar 30 tot 35 miljoen autokilometers minder zullen gaan maken en dus minder CO2 zullen uitstoten. Dat is een mooi voorbeeld van maatschappelijk verantwoord ondernemen waar geen overheidsdwang aan te pas hoeft te komen.

Lang niet alle bedrijven echter zijn zich bewust van hun verantwoordelijkheid. De vraag in ons onderzoek is daarom: Zal deze vrijheid bedrijven activeren om verantwoordelijkheid te nemen of zullen ze juist achteroverleunen, als de overheid hun deze vrijheid laat?

De centrale these in het onderzoek is dat dit afhangt van de oriëntatie op de lange termijn. Langetermijnoriëntatie kan worden beschouwd als een deugd, namelijk de deugd van geduld. Iemand die geduldig is, let er niet alleen op of iets zich op korte termijn uitbetaalt, maar is bereid rekening te houden met de gevolgen die verder in de toekomst liggen.

Op basis van data van ruim 5000 bedrijven uit meer dan 40 landen over de periode van 2005 tot 2014 vinden wij dat langetermijnoriëntatie inderdaad het effect van vrijemarkteconomie op duurzaam bedrijfshandelen stuurt. In landen met een hoge mate van economische vrijheid zijn het vooral bedrijven die verder kijken dan de winst op korte termijn die de geboden vrijheid aanwenden om maatschappelijk verantwoord te ondernemen.

Maar het is niet alleen de langetermijnoriëntatie van bedrijven die ertoe doet. Ook de langetermijnoriëntatie van de sociale omgeving stimuleert dat in landen met veel economische vrijheid duurzaam bedrijfshandelen bevorderd wordt. De reden is duidelijk: waar consumenten en andere belanghebbenden van bedrijven meer naar de langetermijngevolgen van economisch handelen kijken, zullen zij meer druk uitoefenen op bedrijven om duurzaam te ondernemen. Ook dit zet bedrijven aan om maatregelen te nemen, zoals bijvoorbeeld VodafoneZiggo dat nu doet.

Ons onderzoek impliceert dat het goed is om consumenten en bedrijven bewust te laten zijn van de gevolgen van hun keuzes voor de lange termijn. Deze bewustwording is immers een van de voorwaarden om een geduldige houding te bevorderen. Het gaat niet alleen om de winst van volgend jaar, maar ook om de continuïteit van het bedrijf en de samenleving als geheel op lange termijn.

Dit sluit ook aan bij de notie van rentmeesterschap. Als mensen zijn wij gehouden om zuinig te zijn op de aarde die God ons gegeven heeft. Ook al is de bijdrage die een individueel bedrijf levert aan een duurzaam milieu op wereldschaal natuurlijk heel klein, toch zijn wij allen wel verantwoordelijk voor ons aandeel daarin.

Die verantwoordelijkheid geldt echter niet alleen bedrijven. Ook consumenten en andere belanghebbenden hebben in hun economisch handelen de opdracht om rekening te houden met de langetermijngevolgen van hun keuzes. Hierdoor bieden zij steun aan bedrijven die vanuit hun langetermijnoriëntatie producten ontwikkelen die duurzaam consumeren bevorderen, zodat winstgevendheid en duurzaamheid elkaar niet hoeven uit te sluiten. Maar dat vereist dan wel dat ieder zijn verantwoordelijkheid neemt. Zo niet, dan leert ons onderzoek dat de overheid minder economische vrijheid moet bieden en beter door regulering bedrijven en consumenten kan dwingen tot keuzes die meer de duurzaamheid bevorderen.

Johan Graafland is hoogleraar economie, onderneming en ethiek aan Tilburg University. Deze column is eerder verschenen in het Reformatorisch Dagblad (RD)

Share Button