Afgelopen juni heeft opnieuw alle records gebroken. Temperaturen boven de 40 graden in veel Europese steden zorgen voor noodsituaties op het gebied van de gezondheid en voor enorme kosten voor infrastructuur en landbouw. Dat brengt niet alleen de bevolking aan het zweten: ook de druk op bedrijven neemt toe om hun eigen bijdrage aan de klimaatcrisis zo klein mogelijk te houden en hun emissies systematisch te reduceren. Een nuchtere blik op de stand van de transitieplannen – en waarom dat uiteindelijk geen kwestie van regelgeving is.
Deze ontwikkeling is geen uitschieter: volgens actuele berekeningen van het Grazer Wegener Center ligt de langetermijnopwarming al vanaf 2026 boven de Parijse grenswaarde van 1,5 graad – voor 2026 worden 1,62 graad verwacht, voor 2027 al 1,71 graad boven het pre-industriële niveau.[1] Ook de WMO gaat ervan uit dat het vijfjaarsgemiddelde 2026–2030 met grote waarschijnlijkheid boven de 1,5 graad zal liggen.[2] Voor ESG-verantwoordelijken is daarmee minder de vraag óf, maar hoe robuust het eigen transitieplan is. En de druk daarvoor komt inmiddels minder vaak uit het staatsblad dan uit het eigen klantenbestand. Tijd voor een eerlijke inventarisatie: waar staan bedrijven werkelijk met hun decarbonisatie- en transitieplannen?
De echte drijfveer: de markt, niet de wet
Natuurlijk speelt regelgeving een rol. Maar wie met duurzaamheidsverantwoordelijken spreekt, hoort inmiddels vaak “onze grootste klant heeft gevraagd hoe we tot 2040 willen reduceren”. Grote inkopers geven hun decarbonisatiedruk systematisch door aan hun toeleveringsketens: alleen al via het CDP-platform hebben onlangs meer dan 270 grote afnemers milieugegevens opgevraagd bij zo’n 45.000 toeleveranciers.[3] Wie als toeleverancier geen solide transitieplan kan voorleggen, verliest in geval van twijfel de opdracht – ongeacht wat een wet voorschrijft.
Dit “trickle-down-effect” treft allang niet meer alleen de grote, wettelijk verplichte concerns. Ook kleinere en middelgrote ondernemingen verzamelen steeds vaker hun eigen emissiegegevens en ontwikkelen reductieplannen – simpelweg omdat zakenpartners, financiers en eindklanten dat verwachten.[4] De markt schept dus feiten.
De status quo: ambitie ja, substantie vaak (nog) niet
Eerst het goede nieuws: klimaatdoelen zijn in de bedrijfswereld aangekomen. Het slechte: tussen “doel gesteld” en “geloofwaardig plan” gaapt bij veel bedrijven nog een voelbaar gat.
11.000+ [5]
Bedrijven en financiële instellingen wereldwijd met door de SBTi gevalideerde klimaatdoelen (stand juni 2026) – goed voor circa 41% van de wereldwijde marktkapitalisatie.
12.000+ [6]
Bedrijven maakten transitieplan-kengetallen openbaar bij de CDP – maar slechts een fractie voldoet aan de meeste geloofwaardigheidsindicatoren.
45.000 [3]
Toeleveranciers, bij wie alleen al ruim 270 grote inkopers via de CDP actief milieu- en klimaatgegevens hebben opgevraagd.
Ook de CDP bevestigt deze trend in haar recente Corporate Health Check: een op 1,5 graad afgestemd, publiek toegankelijk transitieplan behoort inmiddels tot de doorslaggevende hefbomen die koplopers onderscheiden – samen met variabele beloning voor het management, robuuste processen voor klimaatrisico’s en echte betrokkenheid van de toeleveringsketen.[7] Wie aan deze criteria niet voldoet, blijft zelfs met goede ambities in de middenmoot steken – en wordt voor veeleisende klanten een risico in hun eigen keten.
Kort gezegd: een doel hebben is het toegangsbewijs. Of een bedrijf de omslag echt maakt – en daarmee ook voor klanten en zakenpartners aansluitbaar blijft – wordt bepaald door het concrete stappenplan erachter: inclusief middelen, mijlpalen en verantwoordelijkheden. Juist die stappenplannen bepalen uiteindelijk mede of de curve van de wereldwijde opwarming nog afvlakt of dat hittegolven ons alledaagse leven worden.
Wat een transitieplan echt “hittebestendig” maakt
Een klimaattransitieplan is meer dan een PowerPoint-slide met een streefjaar. Internationaal erkende raamwerken zoals de aanbevelingen van de Transition Plan Taskforce – tegenwoordig onderdeel van de IFRS S1/S2-standaarden – bundelen goede praktijk in drie leidende principes:[8]
Ambitie
Het plan weerspiegelt de urgentie van handelen en verbindt decarbonisatie, voorzorg tegen klimaatrisico’s en de bijdrage aan de transformatie van de hele economie. Realistische, langlopende en extern gevalideerde doelen worden aantoonbaar vaker gehaald dan niet-afgestemde “wensgetallen”.
Actie
Doelen worden vertaald naar concrete, op korte termijn uitvoerbare stappen – met een duidelijke planning van de middelen. Typische struikelblokken zijn vage formuleringen, ontbrekende budgetten en een gebrek aan organisatorische rugdekking.
Verantwoording
Governance, transparante rapportage en – idealiter – een koppeling aan beloningsmodellen verankeren het plan stevig in de organisatie. Ontbrekende verantwoording is een van de meest voorkomende redenen waarom klimaatdoelen uiteindelijk niet worden gehaald.
In de praktijk combineren de meeste bedrijven daarbij twee benaderingen: de top-downaanpak, waarbij de overkoepelende doelen vooropstaan, en de bottom-upaanpak, die uitgaat van de daadwerkelijk uitvoerbare maatregelen. Pas het samenbrengen van beide perspectieven maakt een plan geloofwaardig én haalbaar.
De regelgeving trekt bij – EmpCo als extra meetlat
Terwijl de markt allang feiten schept, trekt de regelgeving bij met verdere richtlijnen. Met de EmpCo-richtlijn (“Empowering Consumers for the Green Transition”) wordt vanaf 27 september 2026 ook de communicatiekant strenger.[9]
EmpCo verbiedt algemene, niet-onderbouwde milieuclaims. Wie publiekelijk adverteert met begrippen als “klimaatneutraal” of “op weg naar netto nul tegen 2030”, moet dat voortaan kunnen onderbouwen met een navolgbare methodiek, verifieerbare tussendoelen en een daadwerkelijk reductiepad. Alleen compensatie zonder meer volstaat niet langer. Bij overtredingen dreigen forse boetes tot 4% van de jaaromzet in de betreffende lidstaat.[10]
Voor bedrijven betekent dat: het transitieplan dat de markt sowieso al vraagt, wordt bovendien de juridische onderbouwing van elke naar buiten gecommuniceerde klimaatclaim. Wie de gegevens voor klant- en ketenvragen netjes op orde heeft, maakt het zichzelf met EmpCo-conformiteit hoe dan ook een stuk makkelijker.
Conclusie: afkoeling komt er alleen met echte emissiereductie
De cijfers laten een tweeledig beeld zien: steeds meer bedrijven stellen zich doelen – maar slechts een minderheid onderbouwt die met een plan dat ambitie, uitvoering en verantwoording echt samenbrengt. Deze omslag wordt vandaag vooral aangedreven door de markt: door klanten, inkoopafdelingen en financieringspartners die concrete plannen willen zien in plaats van intentieverklaringen. Uiteindelijk telt echter vooral één ding: of we bij 1,6 graad stoppen of richting 2 of 3 graden en meer afdrijven, wordt bepaald door precies die reductieplannen die vandaag worden geschreven – en uitgevoerd. Een transitieplan is daarmee geen compliancedocument, maar de eigenlijke hefboom tegen de volgende, nog hetere zomer.
Hoe de ESG Management-module van NetCero ondersteunt
Of het nu gaat om een klantvraag, een aanbesteding of een ketenaudit: een gedegen transitieplan moet snel solide antwoorden leveren. De ESG Management-module van NetCero vormt daarvoor de basis:
✅ Doorlopende broeikasgasberekening over scope 1–3 als auditeerbare databasis die klanten en zakenpartners te allen tijde standhoudt
✅ Gestructureerde vastlegging van reductiemaatregelen, mijlpalen en verantwoordelijkheden in plaats van losse Excel-lijsten
✅ Kosten-batenvergelijkingen van maatregelen en AI-ondersteunde aanbevelingen
✅ Planning en doorlopende monitoring van doelrealisatie en voortgang – zodat het transitieplan een levend sturingsinstrument blijft, niet slechts een rapport
✅ Één consistente databron voor klantvragen, aanbestedingen, CSRD/ESRS, SBTi-validatie en EmpCo-conforme communicatie
Praktijkgericht. Pragmatisch. Toetsbestendig.
Julia Fessler, Chief Sustainability Officer NetCero
BRONNEN
- Wegener Center für Klima und globalen Wandel, Universiteit Graz – kortetermijn-temperatuurprognose 2026/2027, geciteerd in: science.ORF.at, “Erderwärmung: Jahr für Jahr neue Temperaturrekorde” (juni 2026).
- World Meteorological Organization (WMO), “Global Annual-to-Decadal Climate Update” (28 mei 2026).
- CDP / “5 CDP Reporting Tips To Prepare for the 2026 Cycle” (Yahoo Finance, januari 2026) – ruim 270 grote inkopers vragen milieugegevens op bij zo’n 45.000 toeleveranciers.
- susform GmbH, “Corporate Carbon Footprint und Dekarbonisierung” (2025), paragraaf 2.1 – trickle-down-effect langs de toeleveringsketen; alsook PwC, “Stimme der Verbraucher:innen 2025”.
- Science Based Targets initiative – bedrijfsstatistieken & ACA-update, stand juni 2026, samengevat in: GlobalChanger, “SBTi einfach erklärt” (2026). globalchanger.com
- CDP, “From Plans to Capital: Unlocking Credible Transition Finance at Scale” (2026), analyse van transitieplan-kengetallen uit ruim 12.000 bedrijfsopgaven. cdp.net
- CDP Corporate Health Check 2026, in samenwerking met Oliver Wyman. cdp.net
- Transition Plan Taskforce (TPT) – Disclosure Framework, gerefereerd in: susform GmbH, “Corporate Carbon Footprint und Dekarbonisierung: Standards, Herausforderungen und Best Practices” (2025), paragraaf 5.1.
- Europese Unie, Richtlijn (EU) 2024/825 ter versterking van de consument voor de groene transitie (“EmpCo”); van toepassing vanaf 27 september 2026.
- KPMG Law, “Die EmpCo tritt in Kraft – Antworten auf die wichtigsten Praxisfragen” (2026); duurzaamheidsadvies S&F Reputation, “EmpCo: Was die Richtlinie ab 2026 für die Nachhaltigkeitskommunikation bedeutet” (2026). kpmg-law.de · nachhaltigkeitsberatung-sfr.de


