Zes van de grootste fossiele brandstofbedrijven maken naar verwachting $ 2.967 per seconde winst in 2026. Dit is een stijging van bijna $ 37 miljoen per dag ten opzichte van de winst in 2025 van Chevron, Shell, BP, ConocoPhillips, Exxon en TotalEnergies. De totale, verwachte winst uit fossiele brandstoffen in 2026 bedraagt $93 miljard: genoeg om bijna 50 miljoen mensen in Afrika van zonne-energie te voorzien. Dit blijkt uit nieuw onderzoek van Oxfam Novib dat vandaag, tijdens de eerste wereldwijde internationale conferentie over de uitfasering van fossiele brandstoffen, wordt gepubliceerd. Deze conferentie is afgelopen vrijdag in Santa Marta, Colombia, van start gegaan en loopt tot en met 29 april. Nederland en Colombia zijn de initiatiefnemers van de conferentie.
“Terwijl mensen wereldwijd hun energierekeningen amper meer kunnen betalen lopen fossiele bedrijven stevig binnen. Er wordt dus dik verdiend aan de huidige energiecrisis”, zo stelt Hilde Stroot, Oxfam Novib klimaatexpert en deelnemer aan de conferentie. “Het belasten van de rijkste vervuilers en oliebedrijven, die geen intentie hebben om te investeren in een schone en duurzame toekomst, is essentieel voor een rechtvaardige energietransitie wereldwijd. In Santa Marta moeten regeringen, waaronder Nederland, concrete stappen zetten om het beschikbare geld de goede kant op te laten stromen. Dat wil zeggen: weg van fossiele bedrijven en hun aandeelhouders en náár de energietransitie en burgers die nu ernstig geraakt worden.”
Nu de wereld opnieuw getroffen wordt door een energiecrisis heeft Oxfam Novib deze maand een internationale enquête laten uitvoeren in zeven landen, waaronder Nederland en Frankrijk. Daaruit bleek dat drie keer zoveel burgers voorstander zijn van meer overheidsinvesteringen in hernieuwbare energie dan van een toename van de winning van fossiele brandstoffen. Zo is bijna twee derde van alle Nederlanders, 63 procent, voorstander van hogere belastingen op de winsten van grote olie- en gasbedrijven om de overgang naar hernieuwbare energie te financieren.
“In Europa roepen steeds meer landen waaronder Duitsland, Italië, Spanje, Portugal en Oostenrijk op om opnieuw de woekerwinsten van olie- en gasbedrijven zwaarder te belasten, zoals ook gebeurde in 2022 toen Rusland Oekraïne binnenviel. Dat leverde de Nederlandse schatkist toen 3,2 miljard euro op. Het kabinet heeft koudwatervrees en sluit zich vooralsnog niet aan bij deze oproep blijkt uit de brief van minister Heinen van Financiën vorige week aan de Tweede Kamer. Het is de hoogste tijd is dat de grootste vervuilers gaan betalen in plaats van er met de winst vandoor te gaan in deze crisis. We roepen de Nederlandse regering op nog tijdens deze conferentie zich aan te sluiten bij de andere EU-landen om de woekerwinsten stevig te belasten”, aldus Stroot.
Vorige maand kondigde ExxonMobil aan een derde van de geplande investeringen in duurzame energieprojecten te laten vervallen en weigerde TotalEnergies om een transitieplan op te stellen in lijn met de 1,5 graad Celsius-doelstelling van het Parijse Klimaatakkoord. In Santa Marta roept Oxfam Novib de deelnemende landen op om:
- Neem maatregelen om de bedrijven in de fossiele brandstofbedrijven zwaarder te belasten met een winstbelasting en een belasting op excessieve winsten in alle sectoren zodat de publieke klimaatfinanciering kan worden opgeschaald. Ook moeten rijkere landen de onhoudbare staatsschuld van landen in ontwikkeling aanpakken door middel van schuldsanering, eerlijke herstructurering van schulden en door het VN-kader voor staatsschulden te hanteren.
- Bedrijven die hun olie en gasproductie uitfaseren moeten dat op een verantwoorde manier doen. Fossiele brandstofbedrijven moeten de milieuschade en het verlies aan bestaansmiddelen die ze hebben veroorzaakt compenseren en de rechten en participatie van de gemeenschappen die het meest worden getroffen, centraal stellen en staten moeten hierop toezien.
- Bij het uitfaseren van fossiele brandstoffen door landen moet rekening worden gehouden met de historische verantwoordelijkheid, financiële draagkracht en afhankelijkheid van fossiele brandstoffen van de verschillende landen. Rijke, vervuilende landen moeten het snelst uitfaseren zodat landen, die de mondiale klimaatcrisis niet hebben veroorzaakt en hiervoor nauwelijks de financiële middelen hebben, langer de tijd hebben.

