Theo Stijnen (PlasticsEurope Netherlands): ‘Inzamelsystemen voor long-life plastics verlangen extra impuls’

De overheid zal meer moeten doen om het recyclen van plastic in goede banen te leiden. Anders zullen de milieudoelstellingen voor 2030 nooit worden gehaald, stelt directeur Theo Stijnen van PlasticsEurope Netherlands. Uitdaging daarbij heeft vooral van doen met het inzamelen ten behoeve van recycling van niet-verpakkingen. Dat zijn zogenaamde long-life producten zoals kunststof (tuin)meubelen, huishoudelijke artikelen of landbouwfolie.

De milieuambities wat betreft de circulariteit van plastic zijn behoorlijk scherp geformuleerd. Zo valt in de Transitieagenda Kunststoffen te lezen dat alle kunststof producten in 2050 circulair moeten zijn. Dat duurt nog even, maar er bestaan ook tussentijdse ambities. Over tien jaar, in 2030, moet 41% van het toegepaste plastic geproduceerd zijn op basis van recyclaat. Als nu niet direct stappen daartoe worden gezet, is die doelstelling onhaalbaar, meent Stijnen.

“Als je de plastic afvalstromen inventariseert”, licht hij toe, “dan moet je concluderen dat de hoeveelheid plastic die wordt ingezameld om te worden gerecycled nog beperkt is. Maar liefst zestig procent van alle plastics wordt toegepast in long-life producten, zoals autobumpers of raamkozijnen. Die producten gaan uiteraard langer mee dan plastic verpakkingen. Aan het einde van hun levenscyclus, bijvoorbeeld als een auto wordt gesloopt, zijn de inzamelsystemen nog verre van optimaal en verdwijnt het overgrote deel, ongeveer 85 procent, in de verbrandingsoven. Dat is doodzonde”

Emotie

Ook het recyclen van plastic verpakkingen is zeker nog niet optimaal. Toch is in de loop der jaren flinke vooruitgang geboekt. Nu wordt ruim de helft van alle plastic verpakkingen gerecycled, maar daar zit wel behoorlijke progressie in. “Dat er veel aandacht is voor de recycling van verpakkingen komt vooral omdat er veel emotie omheen bestaat. Elke consument komt plastic verpakkingen in de supermarkt tegen. In veel gemeenten bestaat er een recyclestructuur voor plastic afval. En ook de plastic soep in oceanen spreekt tot de verbeelding”, stelt Stijnen, die verder opmerkt dat die plastic soep hoofdzakelijk plastic verpakkingen als bestanddeel kent en inderdaad geen plastic raamkozijnen of autobumpers. “Zoals ik net zei: zestig procent van alle plastics zit in long life-producten, zoals bumpers. Dus is het juist nu zaak om verder door te pakken op dat traject en te zorgen dat ook deze producten in toenemende mate circulair worden.”

Recycletraject

Wat Stijnen daarmee bedoelt, is dat de politiek en andere stakeholders veel meer nadruk moet leggen op het recyclen van long life-producten. Tot nu toe zijn de prikkels hiertoe beperkt. Voor elke kilo aan plastic dat verpakkingsproducenten op de markt brengen, wordt er zestig cent gereserveerd. Uit dat budget wordt het volledige inzamel- en recycletraject betaald. Aan de kant van long life-producten ontbreekt het veelal aan een dergelijke oplossing. “Je ziet bijvoorbeeld wel dat de plastic kozijnenindustrie en de fabrikanten van buisleidingen initiatieven nemen om hun gebruikte producten weer terug te halen, maar de politiek komt nog onvoldoende in beweging.”

Verantwoordelijkheid

Gezien deze problematiek pleit Stijnen daarom ook nadrukkelijk om de Uitgebreide Producenten Verantwoordelijkheid die nu al geldt voor o.a. verpakkingsproducenten uit te breiden naar alle consumptiegoederen, ongeacht het materiaal waaruit deze zijn vervaardigd. Als alle producenten een systeem financieren om hun producten na gebruik in te zamelen en te verwerken , kunnen materiaalketens in grote stappen verder worden gesloten. “Wat je kunt overwegen, is een modulerende structuur waarbij producenten minder hoeven te betalen als hun producten  goed recyclebaar zijn of als er  recyclaat in wordt toegepast. De overheid zou dit moeten faciliteren. Dan kan ook de verduurzaming van de  markt van niet-verpakkingen een impuls krijgen.”

Chemische recycling

Waar tevens een belangrijke bijdrage aan het circulair maken van de plastics keten van mag worden verwacht, besluit Stijnen, is de toepassing van chemische recyling. Dit vraagt weliswaar meer energie dan de huidige mechanische recycling, maar deze oplossing is wel in staat om meer gemengde en vervuilde plasticstromen te verwerken. “Het eindproduct is een prima basis voor het opnieuw produceren van hoogwaardig plastic. Zo kun je van stromen die moeilijk mechanisch gerecycled kunnen worden weer een compleet nieuw product maken. Daarom is chemische recycling  een onmisbare nieuwe schakel in een circulaire economie voor plastic.”

Share Button