Het modelabel Hul le Kes van ontwerpers Sjaak Hullekes en Sebastiaan Kramer is de ontvanger van het 15de Cultuurfonds Mode Stipendium. De uitreiking werd op woensdag 3 juni feestelijk gevierd in cultuurhuis Felix Meritis in Amsterdam. Met een speciale presentatie werd het publiek meegenomen in de bijzondere wereld van Hul le Kes. Daarnaast stond de viering in het teken van het 15-jarig jubileum van het Cultuurfonds Mode Stipendium-platform waarmee sinds 2011 al driekwart miljoen euro is geïnvesteerd in Nederlands modetalent. Het Cultuurfonds Mode Stipendium, een unieke samenwerking tussen een anonieme schenker met een hart voor mode, het Cultuurfonds en Dutch Fashion Foundation bestaat uit een financiële bijdrage van 50.000 euro en een wisseltrofee ontworpen door Atelier Ted Noten.

Ontwerpers Sjaak Hullekes en Sebastiaan Kramer van het label Hul le Kes ontvangen hetMode Stipendium niet alleen voor hun onderscheidend ontwerptalent en creatief ondernemerschap, maar ook voor hun pionierende sociale en duurzame visie. Het winnen van het Cultuurfonds Mode Stipendium markeert tevens de introductie van twee nieuwe sub-labels binnen het universum van Hul le Kes: Hul le Kes Collectable en Hul le Kes Monumental. Met een bijzondere presentatie werden de eerste ontwerpen uit de lijn Hu le Kes Monumental getoond. Deze nieuwe lijn richt zich op de meer artistieke en ruimtelijke expressie van het merk, met uitgesproken kledingstukken en textiele creaties voor bijzondere gelegenheden en performatieve presentaties.

Sjaak Hullekes en Sebastiaan Kramer van het label Hul le Kes, ontvangers van het 15de Cultuurfonds Mode Stipendium: “De afgelopen jaren hebben volledig in het teken gestaan van het bouwen van een kloppend sociaal en circulair fundament. We wilden eerst bewijzen dat een sociaal, circulair en lokaal model daadwerkelijk mogelijk is binnen de mode-industrie. Het ontvangen van het Cultuurfonds Mode Stipendium voelt als een bevestiging dat die visie bestaansrecht heeft. Tegelijkertijd is het voor ons een kantelpunt om ons creatieve universum verder open te breken. Voor ons is dit stipendium niet alleen een prijs, maar ook een mogelijkheid om verder te bouwen aan een nieuwe vorm van design. Een vorm waarin imperfectie, menselijkheid, ambacht en verbeelding samenkomen. Het geeft ons de ruimte om nog autonomer en artistieker te werken, zonder concessies te doen aan onze waarden.”

Cathelijne Broers, directeur het Cultuurfonds: “Met Hul le Kes eren we makers die laten zien hoe mode de wereld niet slechter maakt, maar juist beter. Niet als fast fashion en vluchtige consumptie, maar als een medium dat kan verduurzamen, verbinden en helen door mensen letterlijk een plek te bieden om weer op adem te komen terwijl ze het mode-ambacht leren. Dat is een gedachte die mij diep raakt — en die in deze editie op een bijzondere manier voelbaar wordt. Hulde aan deze winnaar en aan onze anonieme schenker die al voor de 15e keer mogelijk maakt dat makers een volgende stap in hun ontwikkeling kunnen zetten die de sector gezonder maakt. Een levend bewijs dat vijftien jaar investeren in makers geen luxe is, maar noodzaak!”

Angélique Westerhof, directeur Dutch Fashion Foundation; “Hul le Kes is zoveel meer dan een modelabel. Sjaak Hullekes en Sebastiaan Kramer hebben hun pionierende holistische filosofie over ondernemen in de mode in 20 jaar tijd laten uitgroeien tot een gezond en radicaal duurzaam business model, waarbij de hele keten van het modebedrijf van A to Z onder één Arnhems dak is samengebracht, inclusief een educatiemodel en een zorgatelier voor 45 mensen. Daarmee zijn zij een lichtend voorbeeld voor ons zo geliefde vakgebied, iets waar Nederland oprecht trots op mag zijn. De volharding in die diep-persoonlijke visie, het consistent hoge niveau waarmee zij met hun geheel eigen handschrift een internationaal publiek hebben verleid én de generositeit waarmee zij hun kennis en ervaring blijven delen, dit alles maakt Hul le Kes de terechte ontvanger van het 15de Cultuurfonds Mode Stipendium. Zij voegen op hun beurt weer een heel eigen klankkleur toe aan de toch al zo rijke diversiteit aan talent in onze eregalerij van vaandeldragers van de Nederlandse mode!”

Hul le Kes pop-up shop en Virtual Gallery

Werk van Hul le Kes is te bezichtigen en te ervaren in de Cultuurfonds Mode Stipendium Virtual Gallery. Deze speciaal ontworpen digitale eregalerij biedt de voorgaande ontvangers van het Cultuurfonds Mode Stipendium een vernieuwende manier om recent werk en speciale projecten te presenteren. Deze keer is de Virtual Gallery een immersive fashion experience waarin iedereen het beste van Nederlandse mode op een interactieve manier kan ervaren door middel van scrollytelling.

Ter gelegenheid van het ontvangen van het Cultuurfonds Mode Stipendium organiseert Hul le Kes van donderdag 4 t/m zaterdag 20 juni 2026 een exclusieve pop-up shop-in- shop bij modewinkel Jones in Arnhem met speciale stukken, collectables en een selectie uit de nieuwste collecties.

Over het Cultuurfonds Mode Stipendium

Ontwerpers die in aanmerking komen voor het Cultuurfonds Mode Stipendium voeren al geruime tijd op eigen kracht een onderscheidend, in Nederland geworteld modelabel. Zij zetten Nederlandse mode nationaal en internationaal op de kaart met een eigen handschrift en hebben een uitmuntende kwaliteit ontwikkeld, zowel binnen de collecties als in de bedrijfsvoering. Het Mode Stipendium positioneert zich als stimuleringsregeling en als oeuvreprijs. Het is de meeste prestigieuze erkenning die een modevormgever binnen het hedendaagse Nederlandse modeveld kan ontvangen. Het stipendium stelt de ontvanger in staat om de nodige stappen te maken voor verdere ontwikkeling en groei van het label.

Ontvangers tot op heden zijn Hul le Kes (2026), Duran Lantink (2025), Camiel Fortgens(2024), Mohamed Benchellal (2023), MAISON the FAUX (2022), Claes Iversen (2021), Erik Frenken (2019), Bas Kosters (2018), Ronald van der Kemp (2017), Iris van Herpen (2016), Youasme Measyou (2015), Jan Taminiau (2014), Truus en Riet Spijkers (2013), Francisco van Benthum (2012) en Ilja Visser (2011).

Foto: Reinier van der Aart

Bron: Het Cultuurfonds