Scepsis over productie van verantwoorde soja

Bedrijven hebben nu ook belangstelling voor duurzamere soja. Buiten de bedrijven overheerst de scepsis.

De kritiek op de soja-industrie klinkt steeds luider. De explosieve groei van de sojateelt met name in Zuid-Amerika is volgens een hele stoet van non-gouvernementele organisaties (ngo’s) direct en indirect verantwoordelijk voor massale ontbossing, milieuvervuiling, erosie, gezondheidsklachten, conflicten over land, schendingen van arbeidswetten en zelfs slavernij.

Ondertussen is soja voor Brazilië, Argentinië, Paraguay en Bolivia het belangrijkste agrarische exportproduct geworden. Steeds meer Zuid-Amerikaanse soja en vrijwel de gehele Argentijnse productie is inmiddels genetisch gemodificeerd – een ander strijdpunt van ngo’s. ‘Het is een mythe dat de sojateelt vooral voor de Amazone schadelijk is’, zegt Eduardo Gudynas van Centro Latinoamericano de Ecologia Social in Uruguay. ‘Soja veroorzaakt in geheel Zuid-Amerika enorme problemen.’

Bedrijven in de sojaketen beginnen zich de kritiek aan te trekken. Vorig jaar vond in het zuiden van Brazilië de eerste Rondetafelconferentie voor Verantwoorde Soja plaats, medegeorganiseerd door het Wereld Natuur Fonds, om de uitwassen van de sojateelt te bestrijden. De tweede Ronde Tafel wordt nu in Paraguay gehouden. Doel is te definiëren aan welke criteria ‘verantwoorde soja’ moet voldoen. Nederlandse deelnemers zijn onder andere ABN Amro , Rabobank, veevoerproducent Nutreco , Unilever , brancheorganisatie voor veevoer Nevedi, het Productschap voor Margarine, Vetten en Oliën ( MVO ) en de oecumenische ngo Solidaridad. Andere opmerkelijke deelnemers zijn de Braziliaanse Grupo Maggi, ’s werelds grootste sojaproducent, en de grote Amerikaanse sojaverwerker en -exporteur Cargill. Greenpeace en Cordaid trokken in april veel aandacht toen ze in de haven van Amsterdam een schip van Cargill probeerden tegen te houden dat soja vervoerde vanuit zijn haven in Santarém, in het Braziliaanse Amazonegebied.

‘We hadden niet verwacht dat “de vijand” zo snel op onze acties zou reageren’, flapt Nilo d’Avila, medewerker van Greenpeace in de Amazone, eruit tijdens een recente bijeenkomst van 26 ngo’s uit zeven landen in São Paulo. Vertegenwoordigers van de Sojacoalitie, een samenwerkingsverband van tien Nederlandse ngo’s, laten zich in vergelijkbare bewoordingen uit. Jan Gilhuis van Solidaridad: ‘Er is veel gebeurd de afgelopen zes maanden. We kunnen de belangstelling bijna niet aan.’

Opmerkelijk was onder meer het besluit van zuivelbedrijf Campina in juli om deze herfst 10.000 ton en over twee jaar 40.000 ton ‘verantwoorde’ soja te kopen en te leveren aan de veevoederindustrie. Over vijf jaar wil Campina 115.000 ton verantwoorde soja afnemen, genoeg voor zijn melkproductie in Nederland, België en Duitsland. Dan moeten de Campina-koeien alleen krachtvoer met verantwoorde soja eten: de leverancier moet de ‘goede’ en de ‘slechte’ soja strict scheiden. Sojaboeren mogen volgens de Campina-criteria straks niet verbouwen op grond die na 2004 is ontbost, geen genetisch gemodificeerde zaden gebruiken, en ze moeten milieuschade zo veel mogelijk beperken en lokale wetgeving respecteren.

Gilhuis: ‘Je moet een paar pioniers als Campina hebben. Bedrijven in de veevoedersector willen wel overschakelen op meer duurzame productiewijzen als de hele sector beweegt. Ze zijn bang zich uit de markt te prijzen, de concurrentie is moordend.’ Gilhuis hoopt ook vleesproducent Vion Food Groups mee te krijgen, die onder meer aan Albert Heijn levert. Vion was eerder doelwit van Milieudefensie. In een communiqué laat het bedrijf echter weten voorstander te zijn van een ‘duurzamere’ productie van soja. Als tijdens de Ronde tafel-conferenties concrete afspraken worden gemaakt, kunnen bedrijven als Vion moeilijk achterblijven, hoopt de Sojacoalitie.

Toch waarschuwt Gilhuis voor irreële verwachtingen. ‘We moeten eerst excessen bestrijden. Veel problemen ontstaan doordat wetten niet worden nageleefd. Overheden zijn zwak, goede controle ontbreekt. Het klinkt gek, maar de privésector moet de rol van de overheid overnemen.’

De meeste ngo’s twijfelen nog aan het Ronde Tafel-proces, zo bleek in São Paulo. Volgens D’Avila van Greenpeace gebruiken bedrijven als Cargill het Ronde Tafel-proces als ‘rookgordijn’. Cargill en Braziliaanse branchegenoten besloten onlangs de komende twee jaar geen soja meer te kopen die verbouwd is op grond die na 24 juli 2006 is ontbost. De ngo’s hopen daarentegen dat de Rondetafel-conferentie vanaf 2003 een moratorium zal instellen. ‘Daarmee zou 90% van de sojateelt in de Amazone verboden worden’, stelt priester Edilberto Sena van het Front voor de Verdediging van de Amazone.

De prijs is het grootste struikelblok. Verantwoorde soja is 5 à 10 procent duurder dan de minder duurzame, genetisch gemodificeerde variant, die rond de $ 200 per ton kost. ‘De hogere kosten zitten vooral in het scheiden van de soja, het certificeren van de productie en de lagere opbrengst’, zegt Rui Valença van organisatie Fetraf-Sul, die kleine boeren in het zuiden van Brazilië organiseert en helpt duurzaam te produceren. Valença hoopt nu in Europa een afzetmarkt te vinden voor ‘eerlijke’ soja, zoals er al een markt is voor ‘eerlijke’ koffie, bananen en sinaasappelsap. Het probleem, zegt de Braziliaan, is dat soja een bulkproduct is. ‘Soja zit verborgen in andere producten. De consument ziet het niet.’

Dat kan veranderen. Bedrijven als Campina zullen niet nalaten te adverteren dat zij wel ‘verantwoorde’ soja gebruiken.

Spectaculaire groei van de sojateelt

Na de Tweede Wereldoorlog ontwikkelden de Verenigde Staten zich tot de grootste sojaproducent. In Zuid-Amerika begon de teelt in de jaren zestig: Brazilië is inmiddels de tweede producent en de grootste exporteur van soja ter wereld. Nederland is na China de grootste importeur. Wereldwijd wordt nu 92 mln hectare gronds gebruikt voor de soja, waarvan 29 mln in de VS en 22 mln in Brazilië. Ter vergelijking: het gehele Nederlandse landbouwareaal beslaat zo’n 2 mln hectare. De wereldwijde consumptie van soja verdubbelde de afgelopen vijftien jaar van 100 tot 200 miljoen ton. Oorzaak is de stijgende consumptie van vlees. 70 tot 80 procent van de soja wordt in veevoer verwerkt; van de Nederlandse invoer zelfs 90 procent. Soja is zeer rijk aan eiwitten. Bovendien is het gewas goedkoper dan Europese alternatieven, mede doordat er geen invoertarief op rust. Soja wordt volgens een schatting van de Nederlandse Sojacoalitie gebruikt voor de productie van twee derde van de producten in de Nederlandse supermarkten. Lage sojaprijzen, hoge olieprijzen en tegenvallende oogsten brengen veel boeren in Brazilië nu in de problemen. Het soja-areaal daalt volgend jaar zelfs tot 21 miljoen hectare. Maar een nieuwe fase van explosieve groei is mogelijk als soja op grote schaal wordt omgezet in biodiesel.

Share Button