Marieke de Vries (CNV Internationaal): ‘Aantoonbaar duurzaam tropisch hout: hoe komen we daar?’

Het CNV is betrokken bij activiteiten om de duurzaamheid van tropisch hout te verbeteren, onder meer door deelname aan het Nederlandse IMVO-convenant, de overeenkomst voor internationaal maatschappelijk verantwoord ondernemen voor deze sector. Marieke de Vries, die CNV in het overleg rond dit convenant vertegenwoordigt, reisde eind 2019 naar Berlijn voor een verkenning van internationale trajecten om te komen tot controleerbaar duurzaam tropisch hout. Marieke deelt haar ervaringen op deze door Probos gefaciliteerde conferentie van de Europese Coalitie voor Duurzaam Tropisch Hout (STTC).

“De brede deelname aan deze conferentie, met vertegenwoordigers van consumptie- als productielanden, uit zowel bedrijfsleven en overheid als het maatschappelijk middenveld, zorgde voor een prima mix om nieuwe wegen te verkennen.”

Verschillende trajecten

Samen maken we een tour langs certificatiesystemen voor duurzaam hout, zoals EUTR, de FLEGT-vergunningen en vrijwillige principeakkoorden. Het zijn verschillende trajecten die allemaal duurzaam tropisch hout als eindbestemming hebben. Zo krijgen we zicht op al bestaande stapsgewijze benaderingen om tot duurzaam hout te komen.

Olifant in de kamer

Klimaatdeskundige Reinier van den Berg presenteerde op de conferentie onheilspellende gegevens over overstromingen in Nederland en droogte in vele andere landen. Als we ons daar zorgen over maken, zijn we terug bij de noodzaak van duurzaamheid.

Hoe zit het met de sociale agenda? Met de rechten en arbeidsvoorwaarden van werknemers in de houtkap, in meubelfabrieken of bij fabrikanten van plaatmateriaal zoals multiplex?

Helaas wordt niet automatisch rekening gehouden met de belangen van déze mensen en groepen, wanneer het over duurzaamheid gaat. Als echte vakbondsvrouw ben ik het die deze olifant de kamer in roept – en aan de orde stelt ;-)

Hout van legale herkomst

We bespreken hoe kan worden geverifieerd dat hout van legale herkomst is wanneer we te maken hebben met een zwakke of corrupte staat, waar de wet niet of nauwelijks gehandhaafd wordt of handhaving alleen gebeurt met het oog op persoonlijk gewin. Ook het gebrek aan transparantie in de lange toeleveringsketen van bos naar fabriek, naar Europa, komt op de conferentie aan de orde.

Traceerbaarheid is niet alleen van belang voor de juridische aspecten van de houtketen, maar verwijst ook naar andere delen van de keten, waar de belangen van werknemers in het geding zijn.

Als deze lange productieketen transparanter wordt, kunnen we controleren of landen hun beloften nakomen voor wat betreft de conventies van de Internationale Arbeidsorganisatie ILO, de OESO-richtlijnen en de VN-richtlijnen (UNGPs).

Wedijveren voor dezelfde doelen

In de conferentiezaal worden de problemen onderkend. Gelukkig worden er ook veel voorstellen gedaan om samen te werken, door certificatiebedrijven, brancheorganisaties uit Europese landen, technische experts en duurzaamheidsorganisaties.

De eerste contacten worden gelegd met Maleisië en China. Ook daar wil men ook zicht krijgen op de sociale aspecten en de impact van de toeleveringsketens van houtproducten.

De discussies in de zaal zijn verhelderend. Soms lijken verschillende partijen met elkaar te wedijveren voor dezelfde doelen. Uiteindelijk brengt de dringende noodzaak tot verbetering van de sociale aspecten iedereen bij elkaar.

Innovatieve vervolgstappen

Op basis van de rondetafelgesprekken wordt een lijst van zes toekomstgerichte stappen gepresenteerd; STTC neemt de taak op zich om deze innovatieve ideeën op te volgen, en mensen samen te brengen om onze aanpak verder aan te scherpen en te intensiveren. Zelf ben ik vooral gemotiveerd om te werken aan:

  1. Een overkoepelende coalitie voor de houtketen. Onderwerpen als de rechten van werknemers, veiligheid en gezondheid op het werk, parallelle controles en ontbossing multidisciplinair kunnen daarbinnen worden aangepakt. Alle belanghebbenden uit een bepaalde sector kunnen hierbij betrokken worden. Ook al gebruiken ze verschillende grondstoffen, zij hebben toch te maken hebben met vergelijkbare beperkingen en eisen.
  2. Een brede, open dialoog in elk land, waarin alle spelers en belanghebbenden uit de bosbouw, houthandel en houtverwerkende sector zich verenigen en zich inzetten voor duurzaam hout.
  3. Een grondige diagnose vanuit IMVO-perspectief (internationaal maatschappelijk verantwoord ondernemen) van de productieketens van meubels en andere houtproducten die worden geïmporteerd door de top vijf van Nederlandse importeurs. Die moet bestaan uit een analyse van de risico’s, van de mogelijkheden om schade te beperken en van de zorgverplichtingen de voortkomen uit de due diligence-richtlijnen van de OESO.

Marieke de Vries, Coördinator IRBC agreements metals, forestry, food, pension, clothing and banking

Dit artikel is eerder gepubliceerd op de website van CNV Internationaal

 

Share Button