Wageningen Social & Economic Research, Wageningen Marine Research en het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu hebben, in opdracht van en gesubsidieerd door het ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur, onderzoek uitgevoerd naar de klimaatimpact van de Nederlandse visserij en een vergelijking van de klimaatimpact en voedingswaarde van de in Nederland meest geconsumeerde voedselproducten uit zee met eiwitrijke voedselproducten van land. De conclusie is dat er geen eenduidige uitspraak is te doen dat ofwel voedselproducten uit zee ofwel producten van land een lagere klimaatimpact hebben. De laagste klimaatimpact per kg geconsumeerd product hebben de producten afkomstig uit de pelagische visserij (met uitzondering van tonijn uit blik) en de demersale visserij (met uitzondering van gebakken inktvis), de plantaardige producten en gekookt ei, terwijl gebakken schol- en tongfilet, gebakken biefstuk en gekookte, gepelde Hollandse garnalen de hoogste hebben.
De klimaatimpact van de producten tot en met consumptie kent een lagere mate van zekerheid als gevolg van de extra aannames over de activiteiten in de naketen na aanlanding/eerste verkoop/af-boerderij.
De bijdrage aan de klimaatimpact van activiteiten tijdens de verwerkingsfase is relatief groot bij de consumptie van gerookte makreel (energiegebruik roken), gebakken vissticks (productie beslag en voorfrituren) en de gebakken vegetarische burger (energiegebruik verwerkingsfabriek). De bijdrage van verpakking is zeer afhankelijk van het type verpakkingsmateriaal en de afvalverwerkingsroute. Bij de producten uit blik (sardine, tonijn, bruine bonen en kikkererwten) heeft verpakking een relatief grote bijdrage. Bij de producten uit zee hebben de transportverpakkingen een substantiële bijdrage.
De bijdrage van opslag en transport is relatief hoog bij producten die over langere afstand vervoerd worden, met name bij transport over de weg. De bijdrage van retail is voor de meeste voedingsproducten marginaal (<2%), alleen bij de producten die in de visspeciaalzaak/viskraam bereid worden (kibbeling en lekkerbek) is de bijdrage hoog (circa 25%) door de productie van het beslag en het energiegebruik voor frituren.
De bijdrage van de consument is voor de meeste producten laag (<10%). Gekookte mosselen kennen de hoogste klimaatimpact in de consumentfase, omdat de mossel inclusief schelp gekookt wordt en het eetbare deel laag is. De mate waarin consumentenafval gescheiden wordt ingeleverd bepaalt mede de klimaatimpact in de consumentenfase. De bijdrage van de horeca aan de klimaatimpact van de twee producten die via de horeca verkocht worden gebakken pijlinktvis en rauwe oesters is beperkt (5% respectievelijk 3%), omdat er minder verpakkingsmateriaal voor deze producten nodig is en de klimaatimpact van het vervoer van de horecabezoeker naar de horecalocatie is toegeschreven aan recreatie en niet aan de consumptie van het product.


