Circulariteit in de bouw moet uit de pilotfase en standaard onderdeel worden van publieke bouwprojecten. Hoogleraar Ernst Worrell waarschuwt dat Nederland te traag opschaalt met hergebruik van materialen in de bouw; juist bij maatschappelijk vastgoed zijn er grote kansen om bestaande gebouwen en materialen beter te benutten.
Nederland staat voor een enorme bouwopgave. Tegelijkertijd nemen de druk op grondstoffen, de CO₂-uitstoot en de financiële haalbaarheid van projecten toe. In de bouw wordt steeds vaker geëxperimenteerd met circulaire oplossingen, maar structurele toepassing blijft achter. Bij HEVO herkennen we dit in de praktijk: circulariteit wordt bij publieke bouwprojecten vaak te laat besproken, waardoor keuzes voor renovatie, transformatie, hergebruik of circulair materiaalgebruik al beperkt zijn voordat het ontwerptraject begint.
Geen extra ambitie maar uitgangspunt
Circulariteit moet geen extra ambitie zijn die je later toevoegt, maar een uitgangspunt aan het begin van elk project. Juist publieke opdrachtgevers bouwen met maatschappelijk geld en voor de lange termijn. Dan moet je niet alleen kijken naar de laagste investering vandaag, maar naar waarde, hergebruik, exploitatie en milieuwinst over de volledige levensduur.
De omslag begint bij betere besluitvorming aan de voorkant. Bij maatschappelijke vastgoedopgaven zou niet automatisch moeten worden uitgegaan van sloop en nieuwbouw. Eerst moet zorgvuldig worden onderzocht wat bestaande gebouwen, constructies en materialen nog kunnen betekenen. Renovatie, transformatie, optoppen, uitbreiding, hergebruik van casco’s en circulaire materiaalkeuzes moeten volwaardige scenario’s zijn in haalbaarheidsonderzoeken en investeringsbesluiten.
Behouden wat er is
De grootste milieuwinst zit vaak in het behouden van wat er al is. Een gebouw is geen afvalstroom, maar een materialenbank. Publieke opdrachtgevers hebben hierin een sleutelrol. Gemeenten, onderwijsinstellingen en andere publieke partijen kunnen circulariteit concreet maken in Integraal Huisvestingsplannen, programma’s van eisen, aanbestedingen, beoordelingscriteria en contracten. Zolang circulariteit vrijblijvend blijft, wint de traditionele bouwpraktijk het te vaak op prijs, planning en gewoonte.
Tegelijkertijd vraagt circulair bouwen om realistische randvoorwaarden: voldoende voorbereidingstijd, inzicht in bestaande materialen, passende budgetten en duidelijke prestatie-eisen. Circulariteit gaat bovendien niet alleen over materiaalhergebruik, maar ook over toekomstbestendigheid, flexibiliteit, losmaakbaarheid en exploitatiekosten.
Geen luxe meer
De bouwopgave is groot, maar de grondstoffenruimte is beperkt. Circulariteit is geen luxe meer, maar noodzaak. Als we maatschappelijk vastgoed bouwen voor de komende decennia, moeten we nu kiezen voor hergebruik, flexibiliteit en waarde op lange termijn.
Winifred van den Bosch, Directeur HEVO

