De Europese Raad heeft conclusies aangenomen over de nieuwe EU-strategie voor de bio-economie. In deze conclusies juicht de Raad de visie voor een concurrerende en duurzame bio-economie in 2040 toe. Het gebruik van biogebaseerde en circulaire oplossingen in alle relevante sectoren – als fossielvrije alternatieven – wordt bevorderd en innovatie en investeringen worden ondersteund.
De bio-economie gebruikt hernieuwbare biologische hulpbronnen zoals planten, dieren en micro-organismen om voedsel, energie en industriële goederen te produceren.
“De door de bio-economie aangedreven transformatie is in heel Europa al tastbaar, van alledaagse biogebaseerde producten zoals lippenbalsem op basis van bijenwas en linnentextiel tot geavanceerde materialen zoals auto-onderdelen uit afval van olijfbomen. Met de conclusies van vandaag geven we een duidelijk signaal: concurrentievermogen, duurzaamheid en innovatie van eigen bodem moeten centraal staan in het traject van de EU naar een veerkrachtige bio-economie in 2040 en de strategische autonomie van Europa.” – Maria Panayiotou, minister van Landbouw, Plattelandsontwikkeling en Milieu van de Republiek Cyprus
In zijn conclusies verwelkomt de Raad de door de Commissie voorgestelde EU-strategie voor de bio-economie als een tijdige en essentiële stap om het concurrentievermogen, de veerkracht, de welvaart en de duurzaamheid van Europa te versterken.
Volgens de conclusies is het belangrijk de bestaande EU-wetgeving die relevant is voor de bio-economie doeltreffend uit te voeren en de nationale acties aan de strategie aan te passen. De Raad steunt meer innovatie en stimuleringsmaatregelen voor investeringen in duurzame biogebaseerde oplossingen, onder meer via snellere goedkeuringen en vereenvoudigde regels, en een mondiale voortrekkersrol op het gebied van de bio-economie.
Het creëren van een voorspelbare vraag naar duurzame biogebaseerde materialen en technologieën is essentieel om particuliere investeringen aan te trekken. In dit verband benadrukt de Raad dat sectoren met een hoog potentieel (leidende markten) in kaart moeten worden gebracht en moeten worden versterkt.
Deze leidende markten hoeven niet beperkt te blijven tot de sectoren uit de EU-strategie voor de bio-economie (zoals biogebaseerde kunststoffen, chemische stoffen, bouwproducten en meststoffen), maar kunnen ook worden uitgebreid naar andere sectoren, waaronder schoeisel en textiel, papier of de blauwe bio-economie (zoals het gebruik van algen en sponzen).
Volgens recente verslagen is de EU grotendeels zelfvoorzienend op het gebied van biomassa (ongeveer 90%). De Raad pleit voor een duurzame aanvoer van biomassa, aangezien dit essentieel is voor de levensvatbaarheid van de bio-economie op lange termijn. Hij roept de lidstaten op biomassa in de hele waardeketen op een hulpbronnenefficiënte manier te gebruiken, het milieu te beschermen en het gebruik van bijproducten, bioafval en residuen (secundaire biomassa) te bevorderen.
Bron: Europese Raad

