Vijf vragen aan Robert Koolen (Heijmans): ‘Groener groeien’

Hoe verduurzaam je een bouwbedrijf? Met een steeds grotere groep collega’s vermindert Robert Koolen, directeur duurzame ontwikkeling, stap voor stap de CO2-uitstoot van Heijmans. Om de ambitie CO2-neutraal in 2023 te realiseren, wordt actie ondernomen op het gebied van mobiliteit, kantoren, bouwplaatsen en materieel.

De zon breekt door de wolken en zet de bomen, huizen, wegen en vooral de werf van Heijmans in Rosmalen in een prachtig licht. Robert Koolen geniet van het uitzicht, maar nog meer van de zonnepanelen waar hij tussen staat. Op het dak van de kantoortoren aan de Graafsebaan leveren deze de energie voor het opladen van het groeiende aantal elektrische auto’s in de parkeergarage daaronder. Een van de eerste wapenfeiten van een groots Energie Management Plan, waarmee Heijmans de CO2-uitstoot van het bedrijf drastisch wil verminderen.

1. Waarom heeft Heijmans een Energie Management Plan?

“Allereerst omdat Heijmans een gezonde leefomgeving wil maken. Daarom verduurzamen we onze werkzaamheden op allerlei gebieden, en ons energiegebruik. We stelden het bold statement op dat we in 2023 CO2-neutraal willen zijn als bedrijf. Daarnaast vragen steeds meer opdrachtgevers ons werk te verduurzamen en emissieloos te bouwen. Bijvoorbeeld bij grote infrastructurele projecten, maar ook Amsterdam, een stad die schonere lucht voor haar bewoners wil. Ook worden wetten en regels rond duurzaamheid continu aangescherpt.

Genoeg redenen dus om onze CO2-uitstoot in kaart te brengen. Dit laten we ieder jaar controleren door onafhankelijke partijen, om aan onze opdrachtgevers te kunnen laten zien in de vorm van een CO2-prestatieladder. Om onze zogenoemde license to operate te behouden en zo min mogelijk negatieve invloed op de klimaatverandering te hebben, willen we onze CO2-uitstoot terugbrengen. Met het Energie Management Plan doen we dat centraal voor de hele organisatie, om synergie en urgentie te creëren.”

2. Als bouwer werk je nooit alleen. Voor welke CO2-uitstoot zijn wij zelf verantwoordelijk?

“Klaar voor een lesje CO2-boekhouding? Er worden verschillende categorieën onderscheiden, de zogenoemde ‘scopes’. Scope 1 is de uitstoot die wij met onze activiteiten veroorzaken, bijvoorbeeld door onze machines. Scope 2 betreft de energie die we inkopen, voor verwarming en verlichting van onze kantoren. De cv-ketel hier in het hoofdkantoor, verbrandt aardgas en stoot daarmee CO2 uit. Is onze verwarming elektrisch, maar wordt die geleverd door een kolengestookte energiecentrale, dan spreek je ook over scope 2.

In scope 3 vallen activiteiten die indirect uitstoot veroorzaken, zoals de energie die nodig is voor het maken en vervoeren van onze bouwmaterialen door onze leveranciers, en het gebruik van onze eindproducten, bijvoorbeeld door bewoners van door ons gebouwde huizen. Onze ambitie om CO2-neutraal te zijn, definiëren we als: we wekken zelf energie op, we verminderen de CO2-uitstoot van onze scope 1 en 2-activiteiten en we compenseren het restant.

Na een analyse van die categorieën bepaalden we vier terreinen waarmee we dat kunnen bereiken: onze huisvesting, ons wagenpark, onze bouwplaatsinrichting en ons materieel.”

3. Ambitieus! Hoe pakt Heijmans dat aan?

“Op elk terrein is een werkgroep actief, die voor succes afhankelijk zijn van wat er technisch kan en wat er financieel haalbaar is. Waar we langlopende huurcontracten hebben of eigen kantoren, plaatsen we zonnepanelen op de daken en kiezen we voor ledverlichting. Dat doen we ook bij zoveel mogelijk bouwketen.

Voor de verduurzaming van ons wagenpark, de lease-auto’s die collega’s rijden, praten we met partners als Leaseplan en fabrikanten: is de hoeveelheid elektrische auto’s die wij vragen leverbaar? Intussen stimuleren we het gebruik hiervan door collega’s een mobiliteitsbudget aan te bieden, de eigen bijdrage voor deze wagens te schrappen en het aantal laadpunten bij onze kantoren uit te breiden. Na 2023 leveren we alleen nog elektrische leasewagens uit, zodat we in 2028 op dat gebied niets meer uitstoten.

Lastiger zijn de onderdelen materieel en bouwplaatsen. Daar is verduurzaming van de hele bouwketen voor nodig. Fabrikanten van asfaltspreidmachines maken er slechts een paar per jaar, die elektrificeert zijn product niet alleen voor ons. Daarom zijn we actief in het Emissieloos Infra Netwerk, zo trekken we samen op met andere bouwers richting materieelfabrikanten. De verduurzaming van asfaltcentrales vraagt enorme investeringen en die doe je dus ook liever gezamenlijk. Mede hierom zetten we met BAM Asfalt.nu op. Door duurzaam asfalt bij hen in te kopen stimuleren we hen steeds duurzamer te produceren.

Los hiervan zijn er legio praktische problemen die we moeten oplossen: voldoet ons huisvestingsbeleid nog? Moeten we verhuizen naar duurzame gebouwen dicht bij openbaar vervoer-knooppunten? Kun je je elektrische leasewagen opladen bij de bouwplaatsen en projecten waar je werkt? Of thuis voor je deur? Hoe laden we zwaar materieel zo duurzaam mogelijk ter plekke op? Graafmachines hebben bijvoorbeeld enorm veel energie nodig, meer dan zonnepanelen op de bouwkeet kunnen leveren. Waarschijnlijk zijn batterijen nodig of een aggregaat met biodiesel. We zijn druk bezig met onderzoek hiernaar en hopen in 2023 de eerste geëlektrificeerde of op waterstof aangedreven machines in te zetten.”

4. Haal je die ambitie dan wel in 2023?

“We zetten op alle terreinen hartstikke veel druk, maar ik vraag me af of we wel sneller kunnen gaan. Dat heeft allerlei redenen: materieel dat we vijf jaar geleden hebben gekocht, gaat nog twintig jaar mee, onze kantoren zijn niet altijd in eigen bezit, we zijn afhankelijk van leveranciers.

Daarom investeren we in projecten die CO2 uit de lucht halen. Dat heet compensatie: in ruil voor de CO2-uitstoot die wij veroorzaken, helpen we mee dat elders te verminderen. Wij willen dit met betrouwbare partners doen. Zo kopen we nu Nederlandse windcertificaten, daarmee investeer je in duurzame energieopwekking. Maar we kijken ook naar andere mogelijkheden, bijvoorbeeld om bosbescherming elders in de wereld financieren via credits. Door te kiezen welke credits je koopt, bereik je soms zelfs meer dan alleen CO2-compensatie: bescherming van bewoners in tropische regenwouden of eerlijke houthandel.

Deze investeringen worden nog wel eens ‘afkopen’ genoemd. Dat vind ik niet terecht. CO2-compensatie kost Heijmans geld en daarmee is het een goede financiële prikkel om onze werkzaamheden te blijven verduurzamen. Zo houd je de druk erop. Wel vind ik dat we meer openheid mogen geven over de projecten waar we indirect in investeren en wat we daarmee bereiken. Hoe lang blijft een door ons ondersteund bos staan bijvoorbeeld? Dat is nodig om die negatieve associaties met CO2-compensatie om te buigen.”

5. Wat heb je nodig om het Energie Management Plan te doen slagen?

“Tijd! Het kost ons zeker nog acht jaar om helemaal naar nul te komen op scope 1 en 2 zonder compensatie. Ook verleggen we onze focus naar scope 3: verder in de keten kijken. Doorvragen aan onze leveranciers: als ik dit materiaal van jou koop, wat voor invloed heeft dat op onze CO2-prestaties? Als inkoper kunnen wij de hele bouwketen steeds verder beïnvloeden richting CO2-reductie. En zoals ik al zei heeft onze wagenparkbeheerder flinke targets staan.

Dit artikel verscheen eerder op de website van Heijmans

Share Button