Rechtszaak tegen Total gaat nieuwe fase in

Gisteren heeft het Belgische hof van arbitrage de Burmese vluchtelingen die een rechtszaak tegen de Franse oliemaatschappij Total hebben aangespannen in het gelijk gesteld en de zaak ontvankelijk verklaard. Hiermee is de rechtszaak, die reeds drie jaar geleden was aangespannen maar lange tijd stil lag, nieuw leven ingeblazen. De vier Burmese vluchtelingen, woonachtig in België, beschuldigen Total van medeplichtigheid bij mensenrechtenschendingen in Burma.

De uitspraak van gisteren wordt als een (voorlopige) overwinning op de oliemaatschappij beschouwd door zowel de Burmese vluchtelingengemeenschap in België (en elders in Europa) als door Action Birmanie, de Belgische partnerorganisatie van het Burma Centrum Nederland (BCN). Ook het BCN is zeer verheugd over deze uitspraak.

Ook in Frankrijk loopt er reeds sinds 2002 een rechtszaak tegen Total en haar President-Directeur Thierry Desmarest vanwege mensenrechtenschendingen als dwangarbeid, gerelateerd aan het Yadana-gaspijpleidingsproject waarbij Total en haar Amerikaanse zakenpartner Unocal betrokken zijn. Op 11 januari 2005 besliste het Franse gerechtshof in Nanterre dat de rechtszaak door kon worden gezet. Zowel in Frankrijk als in België hebben advocaten van Total geprobeerd om de rechtszaken tegen het bedrijf niet ontvankelijk te laten worden.

Unocal heeft op 2 april jl. een schikking getroffen met een groep Burmese slachtoffers van mensenrechtenschendingen, woonachtig in de VS. Deze hadden zo’n tien jaar geleden een rechtszaak tegen Unocal aangespannen. Unocal heeft een forse schadevergoeding uitgekeerd aan deze groep Burmezen. Het exacte bedrag houdt het bedrijf geheim, maar sommige zakelijke media stelden dat het ging om een schadevergoeding van 30 miljoen dollar.

Share Button