De markt voor het publiek laden van elektrische auto’s is volop in ontwikkeling. Onderzoek laat zien wat er nodig is voor een toekomstbestendige markt. Zo blijkt dat er veel steun is voor het aanscherpen van regels.

De Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) voerde het onderzoek uit in opdracht van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat voor de Nationale Agenda Laadinfrastructuur (NAL). Het eindrapport bevat 4 hoofdconclusies en 11 aanbevelingen.

Uit het onderzoek komen vier hoofdconclusies naar voren:

  • Versterk de bestaande kaders. Veel knelpunten komen voort uit kaders die te vrijblijvend of te weinig concreet zijn ingevuld. Deze zijn binnen de bestaande structuur op te lossen — door de eisen via wet- en regelgeving, aanbestedingen en toezicht scherper en beter handhaafbaar te maken. Deze maatregelen zijn no-regret: breed gedragen en relatief snel invoerbaar zonder stelselwijzigingen.
  • Creëer landelijke uniformiteit en versterk de publieke regie. Een belangrijk deel van knelpunten komt niet uit de regels zelf, maar uit onnodige verschillen in hoe die per regio en aanbesteding worden ingevuld. Meer uniformiteit maakt de dienst herkenbaar, voorspelbaar en efficiënter; een sterkere publieke regie geeft daarbij meer sturing op prijs, netcapaciteit, plaatsing en innovatie.
  • Versterk de klantkant. De gebruiker verdient een centralere plaats. Dit vraagt met name om een betere samenwerking tussen laadpuntexploitanten (CPO’s) en laaddienstverleners (MSP’s), om een navolgbare prijsopbouw in de waardeketen, en om aandacht voor de prijsbeleving tussen publiek en privaat laden. Ook de zakelijke gebruiker, die een groot deel van het laadvolume vertegenwoordigt, verdient expliciete aandacht.
  • Borg de organisatorische kant. Meer uniformiteit en regie vragen om een bestendige organisatie. De centrale vraag is welke organisatievorm de uniformering en de aanbestedingen voorbij 2030 kan dragen, wanneer de centrale financiering van de NAL-regio’s afloopt, en op welke manier uniformiteit tot stand komt

Op basis van deze conclusies doet het onderzoek elf aanbevelingen. Zij vormen samen een samenhangend pakket dat begint bij wat nu al kan en breed gedragen is — het versterken van de kaders — en van daaruit opbouwt naar meer uniformiteit en publieke regie, een sterkere klantkant en een bestendige organisatie. Een deel vraagt om overheidsingrijpen via wetgeving, aanbestedingen of toezicht; een ander deel kan de sector zelf oppakken via onderlinge afspraken en standaarden. Bij voorkeur worden zij gezamenlijk opgepakt, met gebruik van de uitvoeringskracht van overheid én markt.

  1. Scherp wetgeving en handhaving aan. Europees waar mogelijk (AFIR), nationaal waar noodzakelijk, met actief toezicht op CPO en MSP.
  2. Leg prijstransparantie eenduidig vast. Vóór, tijdens en na het laden, proactieve communicatie, reconstrueerbaar, met kWh als primair prijselement.
  3. Verbeter ad-hoc betalen. Gebruikersvriendelijk en veilig kunnen laden zonder abonnement of laadpas.
  4. Uniformeer eisen in aanbestedingen. Consistente toepassing van landelijke eisen, zodat efficiëntie en herkenbaarheid worden vergroot.
  5. Onderzoek marktordening publiek toegankelijk laden
  6. Uniformeer slim laden. Uniformeer de slim-laden-proposities middels het evalueren van lopende initiatieven.
  7. Versterk contractmanagement en naleving. Professioneel en uniform beheer van de contracten, zodat eisen ook in de uitvoering effect hebben.
  8. Pas standaarden uniform toe. Niet alleen voorschrijven maar ook uniform toepassen, via sectorafspraken over versiebeheer en gelijke implementaties.
  9. Kies aanbestedingsvormen die publieke regie versterken. Bij nieuwe aanbestedingen een vorm kiezen die publieke partijen meer regie geeft, in afstemming met andere aanbestedende diensten.
  10. Pas een referentieprijs toe en verbeter de waardeketen. Van een mark-up naar een commissiemodel, met de ad-hoc prijs aan de paal als referentie in de keten.
  11. Onderzoek de prijsopbouw en -verschillen tussen publiek en privaat laden. Een gedragen financiële analyse van de prijsopbouw en de prijsverschillen tussen publiek en privaat laden om te beoordelen of aanpassingen noodzakelijk zijn.
  12. Verken de toekomstige organisatorische borging. Gericht op uniformiteit en publieke regie voorbij 2030 en of een gezamenlijke voorziening voor de klantkant tot verdere verbetering leidt.

De logische vervolgstap is om deze aanbevelingen om te zetten in een concrete actieagenda: wie pakt wat op, met welke partijen en in welke volgorde. Het voorstel is die actieagenda binnen de NAL op te stellen, samen met de partijen die er daadwerkelijk invulling aan kunnen geven.

“Dit rapport brengt de structurele knelpunten en oplossingen in de laadmarkt helder in beeld en biedt zo het startpunt om op een toekomstbestendige manier te blijven ontwikkelen. In de volgende fase staat de gebruiker centraal en leveren we een bijdrage aan een robuust energiesysteem.” – Petrouschka Werther, Directeur Duurzame mobiliteit bij het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat.

Bron: RVO Nederland