Nederland moet stoppen met het proberen te concurreren met goedkope fossiele bulkchemie uit onder meer Azië, en in plaats daarvan vol inzetten op een kleinere, schone en circulaire chemiesector. Dat stelt Natuur & Milieu bij de publicatie van het rapport ‘Op zoek naar een nieuwe balans: Groene, circulaire en schone chemie in 2050’.
‘We gaan de concurrentiestrijd op grootschalige fossiele basischemie simpelweg niet winnen, die reality-check is nodig, zegt Marjolein Demmers, directeur bij Natuur & Milieu. ‘Kies voor het domein waar Nederland wél sterk in kan worden: hoogwaardige, circulaire en innovatieve chemie.’
Groot maar kwetsbaar
De chemische industrie is belangrijk voor Nederland: het levert bouwstenen voor producten die we dagelijks gebruiken. Met een omzet van 64 miljard is Nederland het vierde chemieland van Europa. Maar diezelfde industrie is ook zeer vervuilend. 96% van de grondstoffen is fossiel. De sector is de grootste industriële uitstoter van broeikasgassen. De maatschappelijke schade van de vervuiling die dit oplevert loopt tot 2,6 miljard euro per jaar. De sector staat ook economisch flink onder druk. Europese producenten kunnen niet concurreren met de landen en regio’s met goedkope fossiele energie, grondstoffen en arbeidskrachten. De zeer energie-intensieve chemische producten die Nederland maakt zijn grotendeels bestemd voor export.
Ongecontroleerde afbraak
Natuur & Milieu waarschuwt in haar visie voor de ongecontroleerde afbraak die nu gaande is. Fabrieken moeten sluiten, zonder dat er duurzame alternatieven voor terugkomen, met alle gevolgen van dien voor de werkgelegenheid en de economie. ‘Het is als bij de verbouwing van bijvoorbeeld een keuken, dat moet je goed plannen en niet zomaar alles eruit slopen. De oude apparatuur moet vervangen, maar de kastjes kunnen blijven. Een onduidelijk plan is het slechtste scenario: we verliezen industrie, zijn heel kwetsbaar door de import van fossiele energie en grondstoffen en de nieuwe industrie krijgt geen vorm. Daarom is het zo belangrijk dat de overheid gaat sturen op gecontroleerde afbouw, en scherpe keuzes maakt met een planning die bedrijven zekerheid geeft’, aldus Demmers.
Kleinere sector is logisch
Een kleinere chemiesector is volgens de organisatie onvermijdelijk: Nederland heeft beperkte ruimte, energie en netcapaciteit. Dat is geen doembeeld, stelt Natuur & Milieu want de richting die we opgaan is circulair. Door efficiënter gebruik van grondstoffen, meer (mechanische) recycling en levensduurverlengingen van producten zijn er veel minder basischemicaliën nodig, schrijft Natuur & Milieu in haar visie. ‘We gaan toe naar een kleinere chemische sector, maar wel één die verdienvermogen heeft en concurrerend is.’
Nieuw chemie: meerdere routes tegelijk
Er is niet één weg naar een groene chemie, is te lezen in het rapport. Verduurzaming moet juist plaatsvinden door op verschillende punten in de chemische productieketen in te grijpen. Het verduurzamen van bestaande processen is niet genoeg. We hebben ook nieuwe productieroutes nodig, zoals methanol-to-olefins en vergassing, die bestaande ketens kunnen vervangen. Daarnaast hebben we nieuwe basismaterialen nodig, zoals biobased polymeren, die gemaakt worden van duurzame grondstoffen. Dit past bij Nederland, omdat we een hoog kennisniveau hebben op het gebied van specialistische chemicaliën.
Verschuiving naar toekomstbestendig
Volgens Natuur & Milieu ontbreekt het nu aan duidelijke politieke keuzes. Beleid is gericht op het behoud van de bestaande industrie en korte termijn problemen. Bij het toekennen van subsidies en compensatie van energiekosten, maar ook bij recente politieke besluiten zoals het afschaffen van de CO2-heffing voor de grote industrie. ‘Dat vertraagt de transitie, en zorgt ervoor dat nieuwe duurzame spelers
Beleidsaanbevelingen
Natuur & Milieu pleit in haar rapport voor vier concrete stappen. Gecontroleerde afbouw van de fossiele basischemie, met een duidelijk tijdpad, gekoppeld aan klimaatdoelen. Vraag creëren


