De verduurzaming van de sierteelt begint niet in de kas, maar bij de keuzes die jaren eerder worden gemaakt. Van de ontwikkeling van nieuwe rassen tot energiezuinige teelt en duurzame logistiek: iedere schakel in de keten draagt bij aan een (meer) toekomstbestendige sector. De Plants & Flowers Foundation Holland maakt de complete reis van bloemen zichtbaar: van de oorsprong tot in de huiskamer. Het laat zien hoe vakmanschap, innovatie en duurzaamheid samenkomen in de sierteeltketen en hoe dit bijdraagt aan vergroening en verduurzaming.

Een consument die een hortensia koopt, ziet vooral een kleurrijke bloem. Wat vaak onbekend blijft, is dat achter die bloem jarenlang werk schuilgaat. Nog voordat een hortensia de kas bereikt, worden belangrijke keuzes gemaakt die invloed hebben op watergebruik, energieverbruik, gewasbescherming en de weerbaarheid van de plant. Die verduurzaming begint bij de veredelaar. Bij Agriom in De Kwakel wordt dagelijks gewerkt aan nieuwe hortensiarassen die sterker zijn, beter bestand tegen veranderende omstandigheden en efficiënter geteeld kunnen worden. Omdat de ontwikkeling van een nieuw ras gemiddeld tien jaar duurt, kijken veredelaars zoals Agriom ver vooruit. Eigenschappen zoals weerbaarheid tegen ziekten en plagen, een langere aanvoerperiode en goed kunnen groeien in een koude kas spelen daarbij een steeds belangrijkere rol. Daarmee wordt de basis gelegd voor verdere verduurzaming in de rest van de keten.

“De eigenschappen van een ras bepalen voor een groot deel wat een kweker later nodig heeft om een kwalitatief goed product te telen,” zegt Jaap Stelder van Agriom. “De basis voor een duurzamere teelt wordt daarom al gelegd bij de bestuiving.” Die genetische basis krijgt vervolgens vorm in de praktijk, zoals bij kweker Ko Kolk Hortensia’s in Amstelveen. Op de zes hectare grote kwekerij wordt gewerkt met een gesloten watersysteem waarbij opgevangen regenwater continu wordt hergebruikt. De afgelopen jaren is er geïnvesteerd in zonnepanelen en een warmtepompen, zodat het bedrijf volledig elektrisch opereert. Daarnaast zet het bedrijf steeds sterker in op natuurlijke vijanden van plagen om het gebruik van chemische gewasbescherming verder terug te dringen. Eigenaar Bartjan Kolk: “Verduurzaming is geen project met een einddatum, maar een continu proces van verbeteren en vernieuwen. Nieuwe technieken, praktijkervaring en experimenteren en samenwerking met verschillende leveranciers zorgen ervoor dat steeds verdere stappen mogelijk worden.”

De reis van de hortensia eindigt niet bij de kweker. Ook in handel en logistiek wordt verduurzaamd. Leendert-Jan Plaisier, Chief Operations Officer van RFH: “Duurzaamheid is een belangrijk aandachtspunt in het hele logistieke proces van RFH en zorgt voor gerichte investeringen, zoals in de grootste lucht/water-warmtepomp van Nederland die we op dit moment in Aalsmeer realiseren. Maar ook in de ontwikkeling van nieuwe herbruikbare logistieke hulpmiddelen.”

Royal FloraHolland investeert in het verminderen van het gebruik van fossiele brandstoffen op haar locaties. Daarbij wordt onder meer gewerkt aan een grote warmtepomp en het benutten van restwarmte van een nabijgelegen datacenter voor de energievoorziening. Zo wordt ook de logistieke schakel van de keten stap voor stap verduurzaamd. Zowel Royal FloraHolland, als Ko Kolk en Agriom benadrukken dat verduurzaming geen verantwoordelijkheid is van één organisatie, maar van de hele keten. Juist de samenwerking tussen veredelaars, kwekers, logistieke partijen en handel maakt het mogelijk om structureel vooruitgang te boeken. Tegelijkertijd blijft ook begrip vanuit de markt belangrijk. De wens voor perfect ogende bloemen zorgt er soms voor dat extra ingrepen noodzakelijk blijven, terwijl meer ruimte voor natuurlijke variatie kan bijdragen aan verdere verduurzaming van de sector.

Foto’s: Plants & Flowers Foundation Holland