Van smartphones en zendmasten tot pacemakers en defensievoertuigen: ze kunnen niet zonder kritieke grondstoffen. Nederland is daarvoor sterk afhankelijk van landen buiten Europa, met name China. Tegelijkertijd gooien we een potentiële bron van diezelfde grondstoffen zelf weg. Nieuw onderzoek van de NVCE laat zien hoeveel kritieke grondstoffen in theorie teruggewonnen kunnen worden uit de elektronische apparaten die we in Nederland afdanken.
Wat hebben je oude smartphone, een zendmast en een defensievoertuig met elkaar gemeen? Ze bevatten allemaal zeldzame metalen zoals gallium, wolfraam en palladium. Grondstoffen waar de meeste mensen nooit bij stilstaan, maar die nodig zijn voor ons dagelijks leven: voor onze mobiele netwerken, medische apparatuur en groene energie.
Nederland is voor veel van deze grondstoffen sterk afhankelijk van landen buiten Europa. Met name onze afhankelijkheid van China maakt ons kwetsbaar. De Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) waarschuwde deze week nog voor de risico’s van dergelijke strategische afhankelijkheden. Als de toevoer stokt, kan dat Nederland voor grote problemen stellen.
Maar een deel van de oplossing ligt mogelijk dichterbij dan we denken: in onze eigen oude elektronica.
Wat zit er in onze oude apparaten?
Nieuw onderzoek van de NVCE laat zien hoeveel kritieke grondstoffen in theorie teruggewonnen kunnen worden uit de elektronische apparaten die we in Nederland afdanken. Daarvoor is gekeken naar de hoeveelheid van een grondstof die in 2025 via nieuwe elektronische apparaten de Nederlandse economie binnenkwam en de hoeveelheid die datzelfde jaar via afgedankte apparaten weer uitstroomde.
De uitkomsten laten zien hoe groot die potentiële grondstoffenvoorraad is:

Dat betekent bijvoorbeeld dat de hoeveelheid palladium die in een jaar via afgedankte elektronica beschikbaar komt, in theorie overeenkomt met 87% van de hoeveelheid palladium die datzelfde jaar nodig is voor nieuwe elektronische apparaten.
Van afvalberg naar grondstoffenvoorraad
We kijken naar afgedankte elektronica vooral als afval. Maar de apparaten die we weggooien, vormen ook een voorraad waardevolle grondstoffen.
Als we erin slagen meer apparaten in te zamelen, langer te gebruiken en de waardevolle metalen eruit terug te winnen, hoeven deze grondstoffen minder vaak opnieuw van buiten Europa te worden gehaald.
Dat is niet alleen een duurzaamheidsvraagstuk. Door grondstoffen langer in omloop te houden en opnieuw te gebruiken, kan Nederland ook zijn afhankelijkheid van andere landen verkleinen en zijn economie beter beschermen. Dat is de centrale conclusie die NVCE aan de analyse verbindt.
Dit is het potentieel, niet wat we nu al recyclen
De percentages betekenen nadrukkelijk niet dat Nederland momenteel al 87% van het palladium of 75% van het wolfraam terugwint.
De berekening laat zien wat theoretisch mogelijk is en gaat daarbij uit van volledige inzameling van afgedankte apparaten, producten die zo zijn ontworpen dat ze goed kunnen worden gedemonteerd en technieken waarmee de grondstoffen uit oude componenten kunnen worden teruggewonnen.
Juist daar ligt volgens de NVCE een opgave. Apparaten kunnen zo worden ontworpen dat ze langer meegaan, gemakkelijker te repareren zijn en waardevolle materialen aan het einde van hun levensduur eenvoudiger kunnen worden teruggewonnen.
Investeren in onafhankelijkheid
Volgens de NVCE vraagt het verkleinen van onze grondstoffenafhankelijkheid daarom ook om investeringen in de circulaire economie.
De organisatie pleit samen met VNO-NCW, MKB-Nederland, Koninklijke Metaalunie, VNCI, FME, de Jonge Klimaatbeweging en Natuur & Milieu voor €1,5 miljard aan publieke middelen voor de circulaire economie en hoopt die investering terug te zien in de Miljoenennota.
Onderzoeksverantwoording
De cijfers zijn gebaseerd op data uit het EU Horizon-project FutuRaM. De NVCE heeft gekeken naar hoeveel van een grondstof via afgedankte elektronische apparaten uit de Nederlandse economie stroomt en hoeveel er via nieuwe elektronische apparaten binnenkomt. De verhouding tussen uitstroom en instroom vormt het genoemde percentage.
De data over de toepassingen van de verschillende grondstoffen komt uit onderzoek van het Joint Research Centre (JRC). De berekening gaat uit van volledige inzameling, circulair productontwerp en het bestaan van technieken waarmee de grondstoffen uit oude componenten kunnen worden teruggewonnen.
Bron: Nederlandse Vereniging Circulaire Economie (NVCE)
