Een nieuwe studie van de International Council on Clean Transportation (ICCT) toont aan dat plug-in hybrides in Europa gemiddeld vijf keer meer koolstofdioxide (CO2) uitstoten dan de officiële waarden. Het verschil tussen de werkelijke en de officiële emissiewaarden is tussen 2021 en 2023 groter geworden. Een overschatting van hoe vaak deze voertuigen op elektriciteit rijden, ligt ten grondslag aan deze groeiende discrepantie.
Plug-in hybrides, die in 2025 9% van de nieuwe autoverkopen in Europa zouden uitmaken, zijn auto’s die kunnen schakelen tussen een elektrische motor op batterijen en een diesel- of benzinemotor. Hoewel autofabrikanten deze veelzijdigheid aanprijzen als een voordeel voor zowel consumenten als het klimaat, hebben diverse rapporten de betrouwbaarheid van de officiële cijfers over brandstofverbruik en CO2-uitstoot in twijfel getrokken.
“Plug-in hybrides verbruiken veel meer brandstof op de weg dan de officiële cijfers suggereren. Deze studie bevestigt eerdere bevindingen, waaronder die van ons. Tenzij de regelgevende instanties deze tekortkoming aanpakken, zullen autofabrikanten emissies blijven rapporteren die veel lager zijn dan de werkelijke uitstoot,” aldus Sonsoles Díaz, senior onderzoeker bij ICCT.
De Europese Commissie erkende dit bewijs en paste in 2025 de formule voor de ‘gebruiksfactor’ aan om schattingen te maken die dichter bij de werkelijkheid liggen, met een verdere aanpassing gepland voor 2027. De EU-doelstellingen voor CO2-uitstootreductie voor auto’s worden echter momenteel herzien in het Europees Parlement, en een eerste ontwerp pleit voor het bevriezen van toekomstige correcties van de CO2-uitstoot van plug-in hybrides.
“Zelfs met de correctie van 2025 worden de emissies op de weg niet nauwkeurig geschat. En de zorgwekkende trend is dat nieuwe modellen niet minder, maar juist meer uitstoten. Zelfs als autofabrikanten beweren dat consumenten meer kilometers in de elektrische modus rijden, is de realiteit anders”, aldus Peter Mock, directeur van ICCT Europe.
Het verschil tussen de werkelijke en de officiële emissiewaarden is gemiddeld over alle fabrikanten gestegen van 265% in 2021 tot 400% in 2023. Mercedes, de grootste verkoper van plug-in hybrides tussen 2021 en 2023, noteerde met een ruime marge het grootste verschil: gemiddeld 452%, bijna een verdubbeling van 329% in 2021 tot 614% in 2023.
Jarenlang ondergerapporteerde CO2-uitstoot
Het grote en snelgroeiende verschil tussen de werkelijke en de officiële CO2-waarden van plug-in hybrides valt op in vergelijking met andere aandrijflijnen. Volgens berekeningen van ICCT vertaalt dit verschil zich in ongeveer 100 megaton CO2-uitstoot van nieuwe registraties tussen 2021 en 2025. Deze emissies zijn niet meegenomen in de EU-doelstellingen voor CO2-reductie waaraan autofabrikanten moeten voldoen.
De studie evalueert ongeveer 8 miljoen voertuigen, waaronder conventionele benzine- en dieselauto’s en hun hybride varianten. Er bestaan verschillen in emissies tussen alle voertuigtypen, maar het verschil is gemiddeld zo’n 20% voor voertuigen met een verbrandingsmotor, inclusief volledig en mild hybride, vergeleken met ongeveer 400% voor plug-in hybrides die in 2023 geregistreerd stonden.
“Het verschil bij plug-in hybrides is schrikbarend hoog, maar dit mag niet afleiden van het feit dat het verschil bij conventionele voertuigen, die nog steeds het grootste deel van de autoverkopen in de EU uitmaken, ook aanzienlijk hoog is, namelijk 20%. Daardoor hebben we de afgelopen jaren geen noemenswaardige dalingen gezien in de daadwerkelijke CO2-uitstoot van voertuigen met een verbrandingsmotor”, aldus Jan Dornoff, onderzoeksleider bij ICCT en co-auteur van de studie.
Tussen 2018 en 2023 daalden de officiële gemiddelde CO2-waarden voor nieuwe auto’s met 28%, terwijl de daadwerkelijke uitstoot slechts met 15% afnam. Batterij-elektrische auto’s waren de belangrijkste aanjager van deze emissiereducties. De daadwerkelijke uitstoot van auto’s met verbrandingsmotor daalde in deze periode gemiddeld slechts met 1%, wat geen merkbare verbetering van de efficiëntie laat zien.
Bron: International Council on Clean Transportation (ICCT)

