De meeste verduurzamingsplannen sneuvelen niet op de techniek en niet op de wil. Ze sneuvelen op de terugverdientijd in de businesscase. En in die businesscase staat bijna altijd één post te laag ingeschat: wat de fiscale regelingen opleveren. Bij een investering die op de juiste lijst staat, loopt dat voordeel in 2026 op tot 12 tot 15% van het investeringsbedrag. Genoeg om een plan dat op zeven jaar terugverdientijd stond, onder de zes te krijgen.
Drie regelingen doen het werk. Ze lijken op elkaar, maar ze werken totaal verschillend, en die verschillen bepalen wat je overhoudt.
EIA: 40% extra aftrek voor energie
De energie-investeringsaftrek geeft je in 2026 een extra aftrekpost van 40% van de investeringskosten, bovenop je gewone afschrijving. Voorwaarde is dat het bedrijfsmiddel op de Energielijst 2026 staat en dat je minimaal € 2.500 investeert. Het EIA-budget is voor 2026 verhoogd naar € 460 miljoen, tegen € 431 miljoen in 2025.
Belangrijk: 40% aftrek is geen 40% korting. Je verlaagt je belastbare winst met 40% van de investering. Wat dat waard is, hangt af van je tarief. Voor een BV in de eerste Vpb-schijf is dat 19%, dus 40% aftrek levert 7,6% van de investering op. Boven € 200.000 winst is het 25,8%, dus 10,3%.
MIA en Vamil: milieu, en twee heel verschillende voordelen
Voor bedrijfsmiddelen op de Milieulijst 2026 gelden de milieu-investeringsaftrek en de willekeurige afschrijving milieu-investeringen. De MIA geeft 27%, 36% of 45% extra aftrek, afhankelijk van de code waaronder je investering valt. De Vamil laat je 75% van de investering afschrijven op het moment dat jou uitkomt.
Dat onderscheid is waar het vaakst overheen wordt gelezen. De MIA verlaagt wat je uiteindelijk aan belasting betaalt. De Vamil doet dat niet: die verschuift alleen het moment waarop je betaalt. Dat is puur een liquiditeitsvoordeel. Waardevol als je net fors hebt geïnvesteerd en je werkkapitaal krap staat, maar reken het niet dubbel mee als besparing.
Let op de budgetten. Voor 2026 staat er € 135 miljoen voor de MIA en € 20 miljoen voor de Vamil, minder dan in 2025. Op is op. De Milieulijst 2026 is bovendien flink herzien: 12 investeringen toegevoegd, 78 gewijzigd en 27 geschrapt. Een regeling die vorig jaar op je investering van toepassing was, hoeft dat dit jaar niet meer te zijn. Controleer de lijst dus per investering opnieuw, ook als je exact hetzelfde koopt als vorig jaar.
Wat het samen oplevert, met cijfers
Neem een BV die in 2026 voor € 60.000 investeert in een bedrijfsmiddel dat op de Energielijst staat, en die dat jaar verder niets investeert. De winst valt in de eerste Vpb-schijf van 19%.
De EIA geeft 40% van € 60.000, dus € 24.000 extra aftrek. Daarnaast is er de kleinschaligheidsinvesteringsaftrek: 28% over investeringen tussen € 2.901 en € 70.602, dus € 16.800. Samen € 40.800 extra aftrek. Tegen 19% vennootschapsbelasting levert dat € 7.752 op, oftewel 12,9% van je investering. En dat komt bovenop de gewone afschrijving die je toch al zou nemen.
Twee spelregels bij het stapelen. Op hetzelfde bedrijfsmiddel kun je niet én EIA én MIA claimen, je moet kiezen. De KIA is wel met beide te combineren, dus die neem je altijd mee.
Ben je IB-ondernemer in plaats van BV, dan werkt de aftrek tegen je marginale tarief in box 1, maar houd er rekening mee dat de MKB-winstvrijstelling van 12,70% het effect verkleint. Een extra aftrek van € 40.800 verlaagt je belastbare winst niet met het volle bedrag maar met ongeveer 87,3% daarvan. Dat maakt het voordeel kleiner, niet nul, en het is precies het soort verschil dat je businesscase kantelt.
De valkuil die het vaakst het hele voordeel kost
Je moet je investering binnen drie maanden melden bij RVO, gerekend vanaf het moment dat je de verplichting aangaat. Dat moment is niet de levering en niet de factuur, maar je handtekening onder de offerte of de orderbevestiging. Meld je te laat, dan vervalt je recht op EIA, MIA en Vamil volledig. Er is geen coulanceregeling.
De oplossing is organisatorisch, niet fiscaal: koppel het meldmoment aan je inkoopproces in plaats van aan je administratie. Wie tekent, zet de melding in gang. Bij een investeringstraject dat maanden loopt is de kans anders groot dat de handtekening in maart wordt gezet en de factuur pas in september op het bureau van de boekhouder belandt, ruim buiten de termijn.
Twee andere punten om vooraf af te tikken. Deze regelingen zijn aftrekposten, geen subsidies: draai je verlies, dan levert de aftrek dat jaar niets op. Je verlies is wel verrekenbaar, één jaar terug en onbeperkt vooruit, dus het voordeel verdwijnt niet maar het verschuift. En sinds 2026 zijn MIA en Vamil niet meer te combineren met de SSEB- en SWIM-subsidies. Kiezen dus, en vooraf doorrekenen welke route meer oplevert.
En privé: groen beleggen wordt de komende twee jaar afgebouwd
Duurzaam investeren houdt vaak niet op bij de bedrijfsbalans. In box 3 geldt in 2026 nog een vrijstelling voor groene beleggingen van € 26.715 per persoon, oftewel € 53.430 met een fiscale partner. Bij een forfaitair rendement van 6,00% op overige bezittingen en een tarief van 36% is die vrijstelling met partner ongeveer € 1.154 per jaar waard.
Daarbovenop staat een heffingskorting voor groene beleggingen, maar die is inmiddels teruggebracht tot 0,1% en geldt nog in 2026 en 2027. Vanaf 2028 verdwijnt hij. Wie deze route nog wil benutten, heeft dus twee jaar. Neem dat mee in je planning in plaats van het over te laten aan het moment waarop je er toevallig aan denkt.
Waar het echt om draait
De regelingen zijn niet ingewikkeld, de timing wel. Het meldmoment, het budgetjaar, de winstpositie waarin de aftrek landt en de vraag of je zakelijk of privé investeert, bepalen samen wat er onder de streep overblijft. Dat zijn vier beslissingen die je maanden vóór de investering neemt, niet achteraf bij de aangifte.
Precies daarom loont het om je verduurzamingsplan naast je totale fiscale plaatje te leggen. Bij Financial Life Plan wordt de fiscale kant standaard binnen een meerjarige planning doorgerekend, zodat je ziet in welk jaar een investering het meeste oplevert en niet alleen dát ze iets oplevert. Voor een investering van € 60.000 scheelt de juiste volgorde al snel meer dan de offertekorting waar je over onderhandelde.
Veelgestelde vragen
Kan ik EIA en MIA op dezelfde investering combineren?
Nee, op één bedrijfsmiddel kies je er één. De KIA mag je wel bij beide optellen, dus die laat je nooit liggen.
Wat als ik de melding bij RVO mis?
Dan vervalt je recht op de aftrek voor die investering, ook als je aan alle inhoudelijke voorwaarden voldoet. De termijn is drie maanden na het aangaan van de verplichting. Zet de melding daarom vast in je inkoopproces bij het tekenen van de offerte.
Levert de Vamil belastingvoordeel op?
Niet in de vorm van minder belasting. Je mag 75% van de investering willekeurig afschrijven, waardoor je eerder aftrekt en later betaalt. Dat is een liquiditeitsvoordeel en het is echt geld waard, maar tel het niet als besparing mee in je terugverdientijd.

