KORTE WEERGAVE
Duurzaam
beleggen
Meerwaarde of meer waarde
5. Duurzaamheidsinformatie en verantwoording door ondernemingen
1
Introductie
De laatste jaren is de belangstelling voor duurzaamheid en duurzaam ondernemen
gegroeid. De interesse in de maatschappelijke handel en wandel van ondernemingen
werd onder andere gestimuleerd door de affaires van Shell rond de Brent Spar en
rond de activiteiten van het bedrijf in Nigeria, en Heinekens investeringen in
het militair geleide Birma. Recent heeft de discussie een impuls gekregen met de
verschijning van De winst van waarden - het advies van de Sociaal-Economische
Raad aan de regering inzake de maatschappelijke verantwoordelijkheid van een
onderneming. Dit boek neemt het SER-advies als uitgangspunt voor een beschouwing
over duurzaam beleggen en over het afleggen van maatschappe-lijke verantwoording
door ondernemingen.
Het boek schetst kort de opkomst van duurzaam beleggen in de Verenigde Staten en in Nederland en gaat in op de beoordeling van het duurzame karakter van onder-nemingen door financiële partijen. Vanzelfsprekend komt de vraag aan de orde naar de mogelijke kosten en baten van duurzaam beleggen. Hoewel het rendement van duurzaam beleggen voor veel beleggers een randvoorwaarde lijkt te zijn om dit opkomende verschijnsel serieus te nemen, laat de praktijk zien dat duurzaam beleggen meer waarde kan toevoegen dan louter meerwaarde.
Een aantal
maatschappelijke trends vormt de achtergrond voor de opkomst van duurzaam
beleggen:
1/ De consument wil autonomie en inbedding in stabiele sociale verbanden.
2/ Het poldermodel loopt op zijn laatste benen; er is een toenemende hang naar
duidelijke keuzes en stand-punten.
3/ Ondernemingen mogen geld verdienen, maar onge-controleerde machtsuitoefening
door bedrijven wordt steeds minder getolereerd. Daarnaast worden onder-nemingen
door de terugtredende overheid en door de opkomst van het cyberactivisme
gestimuleerd of gedwongen om openheid van zaken te geven en hun handelen te
verantwoorden.
4/ Jonge consumenten zijn optimistisch en hebben een groot vertrouwen in
technologische oplossingen voor langetermijnproblemen.
De vaak geuite veronderstelling dat 'de' consument duurzaamheid steeds belangrijker vindt en dat duurzaamheid de enige nog tellende toegevoegde waarde is, delen wij niet. Duurzaamheid kan in de praktijk inderdaad een concurrentievoordeel betekenen, maar vooralsnog lijkt zich dat te beperken tot de markt voor hoogwaardige producten en diensten.
2
Maatschappelijk ondernemen
Ondernemen is per definitie een maatschappelijke aan-gelegenheid. Met elk
handelen onttrekt een onderneming immers waarde aan de samenleving en voegt
daarmee ook weer maatschappelijke waarde toe. In de discussies rond
maatschappelijk (verantwoord) ondernemen gaat het dan ook over de vraag, in
hoeverre deze waarde-onttrekking en -creatie bewust gebeuren. Het vraagstuk waar
we als samenleving voor geplaatst zijn, is dat van het 'verantwoord ondernemen'
in de dubbele betekenis van 'verantwoord': die van zorgvuldigheid betrachten en
die van verantwoording afleggen.
Het SER-rapport neemt in die discussie een standpunt in, dat door het kabinet is overgenomen. Maatschappelijk verantwoord ondernemen is volgens de SER 'het bewust richten van de ondernemingsactiviteiten op waarde-creatie op langere termijn' in de drie dimensies People, Planet en Profit, gecombineerd met de bereidheid de dialoog met de samenleving aan te gaan.
De SER ziet Nederlandse ondernemingen opereren in een sociaal partnerschap met andere partijen en vindt dat bedrijven dienen te streven naar een balans tussen de eigen belangen en die van hun stakeholders. Is deze balans afwezig, aldus de SER, dan lopen ondernemingen de kans reputatieschade op te lopen, die zich op langere termijn omzet in reële kosten. Daarnaast vragen de huidige maatschappelijke verhoudingen om een dialoog tussen de verschillende stakeholders. Als vertrouwenbevorderende maatregelen stelt de SER onder andere voor om een informatiecentrum in te stellen en om gedragscodes en (sociale en milieu-) verslaglegging door ondernemingen te stimuleren. Wetgeving wordt niet als een geschikt instrument gezien voor het bevorderen van het gewenste gedrag.
Samenvattend
kan worden gesteld dat De winst van waarden niet zozeer een empirische
beschrijving en analyse van maatschappelijk verantwoord ondernemen (MVO) is,
maar een aantal normatieve lessen bevat over de verhoudingen tussen
bedrijfsleven, maatschappelijke organisaties en overheid. Het rapport levert een
belang-rijke bijdrage aan de discussie in de Nederlandse samen-leving over de
rol en verantwoordelijkheid van het bedrijfsleven, maar schiet tegelijk op
belangrijke punten tekort:
1/ De kern van het maatschappelijk ondernemen ligt in de vrijheid van de
onderneming om invulling te geven aan haar eigen belangen, maar die vrijheid
wordt gekoppeld aan het afleggen van verantwoording over het handelen. Dit komt
overeen met de zogenoemde libertaire opvatting over de verantwoordelijkheid van
onder-nemingen, die momenteel sterk in opkomst is. In de praktijk betekent dit
dat ondernemingen vrij zijn in het invulling geven aan hun maatschappelijke rol
en positie, maar tegelijkertijd gehouden zijn aan de eis om alle belanghebbenden
tijdig en volledig te infor-meren over de maatschappelijke effecten van hun
handelen. In het rapport wordt echter te veel de nadruk gelegd op de
ontwikkeling van best practices, zonder dat daarvoor enige richtlijn wordt
gegeven.
2/ De SER spreekt over maatschappelijk verantwoord ondernemen alsof hier reeds
sprake is van een gevestigde praktijk. In werkelijkheid zijn door het
bedrijfsleven slechts voorzichtige aanzetten gedaan - en dan ook nog door een
beperkt deel van het bedrijfsleven, te weten een toplaag van internationaal
opererende ondernemingen.
3/ De SER
is te optimistisch over de verantwoordingszin binnen het Nederlandse
bedrijfsleven en tendeert te snel en zonder voldoende argumenten naar een
maatschappelijk model waarin countervailing powers plaats hebben gemaakt voor
sociale partners. Dit staat lijnrecht tegenover de in het buitenland waar te
nemen trend waarbij de tegenstellingen tussen bedrijfsleven en maatschappelijke
partijen scherper worden. Daar-naast gaat het model dat de Raad schetst uit van
volwassen maatschappelijke verhoudingen, waarvan in de praktijk maar zelden
sprake is. Nog altijd hebben ondernemingen een grote voorsprong in informatie en
daarmee een overwicht op andere stakeholders in het maatschappelijk debat.
4/ Het instrumentarium dat de SER voorstelt om onder-nemingen aan te sporen zich
te verantwoorden ten overstaan van hun stakeholders overtuigt niet. Het kennis-
en informatiecentrum beschikt op dit moment nog nauwelijks over kennis. Dat kan
ook niet, want er gebeurt nog maar weinig in Nederland. Andere in-strumenten,
zoals het aansporen van ondernemingen om een bedrijfscode op te stellen, lijken
evenmin het gewenste effect te sorteren. Middelen die meer hout snijden, zoals
wetgeving of het afsluiten van convenanten over de minimale eisen waaraan een
ondernemingsrapportage zou moeten voldoen, worden vooralsnog niet overwogen.
De winst van waarden heeft veel reacties opgeroepen, waaronder een manifest van 34 NGO's met de titel Profijt van principes. Mede door dit manifest is de focus in de publieke discussie inmiddels komen te liggen op de stelling dat aanvullende regels niet nodig zouden zijn om de praktijk van sociale en ethische verantwoording te regu-leren. Op deze discussie gaan wij verder in dit boek niet in.
Wel willen wij de aandacht richten op een andere factor in de MVO-discussie. De stelling in dit boek is, dat met name het verzamelen en verstrekken van informatie over het doen en laten van ondernemingen een belangrijke factor is in het stimuleren van maatschappelijk verantwoord ondernemen. Vooral de groeiende belangstelling voor ethisch en duurzaam beleggen stimuleert de informatievergaring. Daarmee is duurzaam beleggen een - veelal onopgemerkte, maar zeer belangwekkende - motor achter het afleggen van verantwoording door bedrijven.
3
Duurzaam beleggen
Maatschappelijk verantwoord, ethisch of duurzaam beleggen - in het boek spreken
wij over duurzaam beleggen - voegt iets toe aan het reguliere beleggingsproces.
Duurzaam beleggen is namelijk beleggen op grond van financiële èn niet-financiële
criteria. Die niet-financiële criteria zijn veelal van maatschappelijke,
sociale, ethische of ecologische aard.
Kijkend
naar de geschiedenis van duurzame fondsen kunnen drie 'generaties' duurzame
beleggingen worden onderscheiden:
1/ beleggingen die zich kenmerken door het hanteren van negatieve of
uitsluitingscriteria;
2/ beleggingen die zich kenmerken door het hanteren van positieve criteria;
3/ beleggingen die zowel positieve als negatieve criteria hanteren.
Duurzaam beleggen kwam op in de Verenigde Staten en werd daar vooral gestimuleerd door christenen die niet wensten te beleggen in ondernemingen die in strijd handelden met hun principes. Later vormde het protest tegen de Vietnamoorlog voor sommige beleggers de achtergrond voor het maken van duidelijke keuzes in hun beleggingen. In de Amerikaanse traditie biedt socially responsible investment vooral een mogelijkheid om de levensstijl van de belegger tot uitdrukking te brengen.
Sinds het begin van de jaren negentig van de vorige eeuw is duurzaam beleggen in de Verenigde Staten explosief gegroeid. In diezelfde jaren zagen in Nederland de eerste beursgenoteerde duurzame beleggingsfondsen het licht. De aandacht van het grote publiek voor verantwoord beleggen kwam met de fiscale regeling die de overheid in 1995 trof om groen en ethisch beleggen te stimuleren. Duurzaam beleggen moet worden onderscheiden van wat in Nederland 'ethisch' of 'groen' beleggen heet. Groene en ethische beleggingsfondsen investeren namelijk in duurzame projecten, niet in beursgenoteerde ondernemingen. Duurzame fondsen doen dat juist wel.
Ook de duurzame beleggingsfondsen in Nederland groeien inmiddels hard. De potentie van de totale duurzame beleggingsmarkt in Nederland wordt geschat op 50-60 miljard gulden.
De introductie van duurzaam beleggen heeft als onbedoeld neveneffect dat multinationale bedrijven aan een systematisch onderzoek worden onderworpen op maatschappelijk, sociaal en ecologisch terrein. Zo bevorderen duurzame beleggers op bescheiden wijze het afleggen van maatschappelijke verantwoording door het bedrijfsleven.
Maar wat
zegt de uitverkiezing van een onderneming voor opname in een Nederlands duurzaam
beleggingsfonds nu over het bedrijf zelf? In elk geval wil het niet zeggen dat
een bedrijf duurzaam is; wel dat het aan de criteria van het fonds voldoet. Die
criteria spelen een leidende rol in het selectieproces van ondernemingen en
kunnen van aanbieder tot aanbieder verschillen. Het selectieproces zelf komt bij
alle aanbieders echter in grote lijnen op hetzelfde neer. Factoren die in bijna
elk selectieproces een rol spelen zijn:
1/ de maatschappelijke functie van een bedrijf of bedrijfs-tak;
2/ de risico's die de producten of bedrijfsprocessen met zich meebrengen;
3/ de voorhanden alternatieven;
4/ de bijdragen aan een duurzame wereld.
Ook in de gehanteerde negatieve criteria zijn grote overeenkomsten tussen aanbieders te vinden. In grote lijnen kan worden gesteld dat Nederlandse aanbieders van duurzame beleggingsfondsen bedrijven mijden die actief zijn in de productie van en handel in wapens, kernenergie, porno, kansspelen en de bio-industrie. Ook worden be-drijven uitgesloten indien hun producten en processen ernstige nadelige gevolgen hebben voor de samenleving, de natuur, of toekomstige generaties. Dan wordt onder meer gekeken naar corruptie, schending van fundamen-tele mensenrechten, slechte arbeidsomstandigheden, kinderarbeid en ernstige milieuschade.
Voorbeelden van positieve criteria betreffen bedrijven waar sprake is van:
Dankzij het selectieproces ontvangen duurzame beleggers derhalve steeds meer en diepgaander informatie over het reilen en zeilen van beursgenoteerde ondernemingen. De informatiestromen beginnen langzaam maar zeker te groeien, zowel kwalitatief als kwantitatief. Ook neemt de onderlinge vergelijkbaarheid van de onderzochte bedrijven toe, omdat samenwerkende researchbureaus op basis van dezelfde onderzoeksmethodologie en dezelfde onderzoekscriteria werken. Daarmee kunnen zij een rol spelen in het debat over maatschappelijk verantwoord ondernemen. De transparantie vanuit ondernemingen wordt door deze processen eveneens bevorderd. Dit alles wil evenwel niet zeggen dat sociale en maatschappelijke rapportage reeds op grote schaal plaatsvindt, laat staan dat deze geïntegreerd is in de verantwoording van de onderneming ten overstaan van diverse groepen stakeholders.
4 Meer
waarde
Wie over beleggen praat, praat over rendement. Ook voor de duurzame belegger is
rendement een van de belangrijkste overwegingen bij het investeren, zo blijkt
uit onderzoek. Kost duurzaam beleggen rendement, dan houden met name
institutionele beleggers zich afzijdig. Naast financiële overwegingen spelen
voor veel beleggers in duurzame fondsen echter ook maatschappelijke argumenten
een rol.
Uit het
beschikbare onderzoek dat met name in de Verenigde Staten is verricht, blijkt
over het algemeen dat duurzaam beleggen geen rendement kost. Dat betekent echter
niet dat dit in het vervolg ook zo zal zijn. In het verleden behaalde resultaten
garanderen geen zonnige financiële toekomst. Twee theorieën doen opgeld:
De 'strijd
tussen Markowitz en Moskowitz' is vooralsnog niet beslist. Belangrijk in dit
verband is de relatie tussen rendement en informatie. Informatie over
duurzaamheid lijkt op ten minste drie manieren samen te hangen met mogelijk te
behalen financieel voordeel door de belegger:
Informatie die betrekking heeft op het duurzaam opereren van ondernemingen heeft in veel gevallen toegevoegde waarde voor beleggers. De informatie kan echter ook waardevol zijn voor reguliere beleggers. Of en in welke mate duurzaamheidsinformatie waardevol is voor reguliere beleggers, blijkt vanzelf uit hun beleggings-gedrag. Omdat vooralsnog onvoldoende duidelijkheid bestaat over de financiële betekenis van duurzaamheidsinformatie, is het voor beleggers soms moeilijk om de betekenis ervan op waarde te schatten. Het is op dit moment vaak nog een zaak van vertrouwen en geloof in een nieuwe ontwikkeling.
5 Duurzaamheidsinformatie
en verantwoording door ondernemingen
Ondernemingen worden zowel passief als actief aangespoord om
duurzaamheidsinformatie te verschaffen. Passief, omdat zij anders een substantiële
groep beleggers mislopen. Actief in de vorm van actief aandeelhouderschap. De
kern hiervan wordt gevormd door het streven van beleggers om invloed uit te
oefenen op het beleid en het handelen van een onderneming. Het activisme kan in
de Verenigde Staten op twee manieren tot uitdrukking komen: door het aangaan van
een dialoog met een onderneming en door het indienen van resoluties. Het
indienen van resoluties is vaak een goed middel om het management wakker te
schudden en vormt in veel gevallen de aanzet tot verdere dialoog.
Ook in Nederland is het actief aandeelhouderschap in opkomst. Toch mag de betekenis ervan op dit moment niet worden overdreven. Momenteel is tijdens de algemene vergadering van aandeelhouders van Nederlandse ondernemingen nog weinig aandacht voor maatschappelijke verantwoordelijkheid, maar er zijn voorzichtige aan-wijzingen dat die aandacht in de nabije toekomst gaat groeien. Met name institutionele beleggers spelen daarbij een belangrijke rol. De belangstelling van deze partijen voor de maatschappelijke verantwoordelijkheid van de ondernemingen waarin zij beleggen, groeit langzaam maar zeker. Of de bereidheid om in gesprek te treden met actieve aandeelhouders er ook toe leidt dat onder-nemingen systematisch informatie gaan verzamelen over de duurzaamheidsaspecten van hun handelen en daarover publiekelijk gaan rapporteren, zal de toekomst moeten uitwijzen. In elk geval lijkt het waarschijnlijk dat de bereidheid van ondernemingen om duurzaamheids-informatie te verstrekken, zal toenemen als de markt voor duurzame beleggingen sterk zal groeien.
6
Conclusies
Alle hypes rond duurzaamheid en 'nieuwe toegevoegde waarde' ten spijt, de zorg
om duurzaamheid op de lange termijn is niet de belangrijkste factor achter de
groei van de duurzame beleggingsfondsen. Rendement is en blijft het
belangrijkste criterium voor beleggers bij hun investeringen.
Op een andere wijze speelt rendement eveneens een rol. Duurzaam beleggen blijkt ook op een ander front 'een goed rendement te halen', namelijk bij het stimuleren van het afleggen van verantwoording door ondernemingen. Duurzaam beleggen speelt een belangrijke rol in het vergaren van informatie over ondernemingen en draagt zo bij aan grotere transparantie en meer evenwichtige maatschappelijke verhoudingen, doordat de informatievoorsprong van bedrijven op hun stakeholders langzaam maar zeker wordt ingelopen. In termen van duurzaam rendement is dit wellicht de grootste opbrengt van deze nieuwe vorm van beleggen.
BESTEL HIER HET BOEK (NLG 33,10)